Waarom trekken sommige landgenoten weg uit België, terwijl anderen ons land net wel aantrekkelijk vinden? We zoeken het uit bij Suzanne die hier vanuit Zuid-Afrika terechtkwam en bij Jacques die naar Spanje emigreerde. Beiden lieten het leven dat ze in hun thuisland hadden op een bepaald moment achter zich en begonnen elders opnieuw. Elk met hun eigen motieven en hun eigen verhaal.
Veerle Magits

Suzanne, je gaf je leven een andere wending. Waarom deed je dat?
Suzanne: Als kind was mijn thuissituatie helaas niet zo gemakkelijk. Ik was zestien toen ik de beslissing nam om na mijn achttiende te vertrekken. Het idee was om verder weg van huis te gaan studeren, maar dan kwam de mogelijkheid op mijn pad om als au pair te werken.
Meteen na het behalen van mijn diploma op mijn achttiende stapte ik op het vliegtuig om mijn toekomst tegemoet te vliegen, mezelf te ontdekken en mijn plek in de wereld te vinden. Ik koos voor Nederland, vooral omdat er op taalvlak veel overeenkomsten met het Afrikaans zijn, hoewel ik op dat moment nog geen Nederlands sprak.
Hoe kwam je dan in België terecht?
Suzanne: Na een jaar in Nederland voelde ik me nog niet klaar om naar Zuid-Afrika terug te keren, maar ik was ook nog niet helemaal op ‘mijn’ plek aangeland. Daarom besloot ik de stap richting België te zetten. Het leek me een mooi land met veel verschillende culturen op een kleine oppervlakte en de taal was gelijkaardig.
Ervaar je grote cultuurverschillen?
Suzanne: Het leven in Zuid-Afrika is rustiger. De dagen zijn er langer en de mensen minder gehaast. In België ervaar ik veel stress en druk, en dat was in het begin best even aanpassen. Ik mis vooral de spontaniteit en gastvrijheid die in Zuid-Afrika zo vanzelfsprekend zijn. Maar ik waardeer dan weer de schoonheid, de cultuur en de veiligheid die België te bieden heeft.
Welke traditie heb je meegebracht naar je nieuwe thuis?
Suzanne: De ‘braaicultuur’. Ik barbecue op z’n Zuid-Afrikaans, met alles erop en eraan. Daarnaast staat mijn deur altijd voor iedereen open. We hebben meestal veel mensen over de vloer om samen te eten, te praten en te lachen, net zoals ik dat in Zuid-Afrika gewend was.
Wat was de grootste aanpassing?
Suzanne: De stressvolle levensstijl in België en de gejaagdheid om me heen. Ik was die rush helemaal niet gewoon. Ook was het even wennen om rechts te rijden in plaats van links.
Wat mis je het meest dat je vooraf misschien niet had verwacht?
Suzanne: Ik mis de zon, de warmte, het strand en de zee. Ik mis mijn grootvaders boerderij, mijn ‘veilige haven’ als kind. Ik mis de plek, de mensen ginds en de vrijheid om op blote voeten te lopen – vooral voor mijn kinderen. Ik zou het prachtig vinden als zij dat ook mogen meemaken.
Zou je ooit willen terugkeren?
Suzanne: Zowat tien maanden na mijn aankomst in België leerde ik mijn man kennen. Hij is de reden dat ik hier ben blijven hangen, want dat was nooit het plan. We praten er soms over om terug te keren, maar of we het werkelijk zullen doen, weten we nog niet. We willen onze kinderen de best mogelijke toekomst geven. Gezien de onveiligheid en de dure medische zorg in Zuid-Afrika is ons leven in België op dit moment stabieler en veiliger.
Wat is het opmerkelijkste dat je op je nieuwe woonplek hebt geleerd?
Suzanne: Ik heb geleerd om op eigen benen te staan, om te vechten voor mijn plek en voor wat ik wil. Maar ook om nooit te snel op te geven en te bouwen op de mensen om me heen. Ik ben vooral dankbaar voor mijn man, met wie ik samen door de moeilijkste periodes ben gegaan. Toen we samen kinderen kregen, besefte ik pas hoe groot de stap was die ik had gezet. Ik ben weggegaan om mijn verleden te ontvluchten en op mijn pad heb ik liefde, stabiliteit en een toekomst gevonden.
…

Jacques, je besloot je leven een andere wending te geven. Waarom?
Jacques: Telkens ik met vakantie ging, dacht ik: ik wil in een land wonen waar de zon altijd schijnt. Een reis naar de Caraïben zo’n twintig jaar geleden prikkelde dat idee nog meer. Ik was toen vijfendertig. Door een samenloop van omstandigheden, een burn-out, een partner die zo’n verhuis ook zag zitten, kreeg die gedachte de jaren nadien steeds concreter vorm.
Wanneer trok je dan weg uit België? En vanwaar je keuze voor Spanje?
Jacques: In 2013 kochten mijn toenmalige partner en ik een vierkantshoeve in het zuiden van Spanje die we tot een B&B verbouwden. Het klimaat trok ons uiteraard aan, maar ook de Spaanse cultuur en de zuiderse mentaliteit.
Ervaar je grote cultuurverschillen?
Jacques: Bij het eerste contact zijn Spanjaarden veel toegankelijker dan Belgen. Ze praten open en vlot, wat fijn is als je zo sociaal bent als ik. Echt bevriend worden of in hun familie opgenomen worden daarentegen, verloopt dan weer wat stroever en vraagt tijd. Spanjaarden nodigen mensen ook minder snel bij hen thuis uit voor een aperitief of een etentje. Ze spreken liever buitenshuis af en dan nog eerder voor een lunch dan voor een diner. Misschien heeft dat ook te maken met het feit dat ze kleiner wonen en vooral buiten leven.
Welke traditie heb je meegenomen naar je nieuwe thuis?
Jacques: Niets speciaals in feite, maar het late uur waarop hier ’s avonds wordt gegeten, rond 22 à 23 uur, ben ik na al die jaren nog niet gewoon.
Was dat de grootste aanpassing? Of waren er nog?
Jacques: De Spaanse siësta. Tussen 14 en 17 à 18 uur moet je hier niet gaan winkelen of iets van administratie willen regelen. De winkels zijn dan gesloten en de administratieve diensten zijn alleen in de voormiddag open.
Ook het gezondheidssysteem vergde een aanpassing. Elke inwoner krijgt hier een huisarts toegewezen, je kan dus niet vrij een dokter kiezen. Wanneer je om een of andere reden niet tevreden bent, kan je wel om een andere vragen, maar ook die krijg je toegewezen. Heb je een specialist nodig, dan is dat op doorverwijzing van je huisarts en steeds naar een publiek ziekenhuis. Wil je zelf een specialist kiezen, dan moet je een aparte verzekering betalen om in een privéziekenhuis terecht te kunnen.
Wat mis je het meest dat je vooraf niet had verwacht?
Jacques: Toch wel de frietjes van de frietkraam. Dat is de eerste stop die ik maak wanneer ik in België ben.
Zou je ooit willen terugkomen?
Jacques: Soms denk ik er wel eens aan om voor een tijdje terug te keren. Dat is dan vooral uit nieuwsgierigheid, om te zien hoe het zou zijn. Maar zolang ik mijn dieren heb – een paard, zeven honden, drie katten, een kip en twee schapen – lukt dat sowieso niet. Definitief terugkeren zit er niet meteen in, ik zou het klimaat, de zee en de stranden te veel missen.
Wat is het opmerkelijkste dat je op je nieuwe woonplek hebt geleerd?
Jacques: Ik heb de afgelopen jaren ontdekt dat het leven meer is dan hard werken alleen en ik ben ook minder materialistisch geworden. Het moeten presteren, met alles mee zijn, de hele administratieve rompslomp … dat zorgde voor enorm veel druk. Hier in Spanje doe je de dingen meer op je eigen manier en ritme. Ik heb nog geen spijt gehad van mijn keuze om hier te komen wonen.