Weet je wat ik het moeilijkst vind? Weten wat ik voel en wat ik denk. Echt waar. Soms vraagt mijn man me: “Wat denk je?” Daar kan ik heel moeilijk op antwoorden. Meestal heb ik zo veel gedachten die zo snel door elkaar heen lopen. Dan zeg ik: “Ik heb liever dat je me vraagt wat ik voel.” “Oké, wat voel je?” Dan denk ik na over mijn gevoel. Maar wat voel ik eigenlijk? Hoe moeilijk is het om ook die vraag te beantwoorden.
Julie Dumolein
Bewust denken en voelen
Tegenwoordig komt mijn smartwatch met dezelfde vraag af: “Reflecteer even over je gevoelens.” Euhm … opgejaagd misschien, omdat je me alweer een notificatie stuurt. Soms voel ik me leeg. Soms voel ik me ongemotiveerd. Ongeïnspireerd. Gefrustreerd. Boos. Bang. Vrij. Opgelucht. Tevreden. Vrolijk. Verdrietig. Uitgeput. Onzeker. Ontgoocheld. Hoopvol. Trots. Dankbaar … Maar op het moment dat ik die gevoelens heb, sta ik er eigenlijk niet bij stil dat ik me zo voel. En ik sta er ook onvoldoende bij stil dat die gevoelens vaak samengaan met bepaalde gedachten, verlangens, behoeften, gedragingen … waar ik me dan ook weer niet van bewust ben.
Ik moet echt de tijd nemen om bewust na te denken over wat ik denk en voel. Even met de honden gaan wandelen, gaan lopen, naar buiten staren, gewoon zitten en ademen … Dan pas begin ik mezelf te begrijpen. Waarom deed ik wat ik deed, waarom zei ik wat ik zei, waarom gebruikte ik die toon? Op het moment zelf is dat ongelooflijk moeilijk. Alsof je op automatisme handelt, voortgestuwd door impulsen. Als je gedrag, je woorden en je toon positief waren, dan is er geen vuiltje aan de lucht. Dan noemen mensen je spontaan en positief. Maar wat als je omgeving of jijzelf last krijgt van je gedrag, je emoties, je woorden? Is meer zwijgen dan misschien de beste optie? Ik denk het niet, want dan doe ik mezelf onrecht aan.
Kan ik positiever worden? Hier komt de perfectionist in mij weer naar boven, de persoon van alles of niets. Kan ik alleen nog maar positieve gedachten hebben en positieve woorden gebruiken? Alleen nog verbindend communiceren, heel hard mijn best doen om van mijn ‘jakhals’ een ‘giraf’ te maken? Er bestaan zo van die mensen, toch? Nee? Is dat wie ik wil en kan zijn?

Controle versus chaos
Ik ben dus een perfectionist. Geloof me, dat is echt niet leuk. Mijn brein scant mijn omgeving de hele tijd, op zoek naar verbeterpunten. Vreselijk, toch? Ik ben me daar wel van bewust. Als je samenwoont met een man, halftijds drie kinderen en voltijds twee honden (en twee kippen), dan weet je dat alles niet altijd volgens je hoge standaard kan zijn. Ik kan niet te allen tijde een opgeruimd huis hebben. Of helemaal ‘mee’ zijn met de was, de vaat, de strijk … De tuin kan er niet steeds onkruidvrij en aantrekkelijk bij liggen. Dat kan gewoon niet als je voltijds werkt, veel hobby’s en interesses hebt en niet alleen woont. En ook, vaak ben ik voortdurend in de weer om dat plaatje helemaal goed en proper en opgeruimd te krijgen. Om er vervolgens toch niet van te kunnen genieten. En alweer bezig te zijn met scannen wat er niet goed is en wat opgeruimd, gepoetst of rechtgezet moet worden. Doodvermoeiend. Slopend voor lichaam en geest.
Ken je de wet van de toenemende entropie? Entropie is een maat van wanorde. “De wanorde neemt alleen maar toe.” Mijn man wijst me graag op die wet uit de fysica. Dan word ik erg zenuwachtig en zeg ik: “Dat moeten we tegengaan. Anders is alles om zeep.” Dan lacht hij eens en plaagt hij me door de spullen op het nachtkastje door elkaar te zetten. Dan kan ik niet slapen. Chaos maakt me angstig, geeft me het gevoel de controle te verliezen. Waarom eigenlijk? Is de controle verliezen en de chaos toelaten dan zo erg?
Vertragen en stilstaan
In het kader van het thema ‘zelfzorg’ wil ik daar graag wat beter over nadenken. Want uiteindelijk komt zelfzorg daarop neer. De tijd nemen om stil te staan bij je gevoelens en gedachten. Daarbij kan ik het woord ‘bewustzijn’ gebruiken zonder helemaal ‘spiri-wiri’ te gaan. Begrijp me niet verkeerd, er is niets mis met spiritualiteit. Integendeel. We hebben er behoefte aan. Het is voeding voor ons ‘mens-zijn’. Als tegengewicht voor ons ‘mens-doen’, waar de hele samenleving op is gericht. Om de molen of economie draaiende te houden. Dus, het mag. We mogen gewoon ‘zijn’. Echt waar. Zeker? Zeker. Moeilijk, hè? Ik heb daar toch moeite mee. Want terwijl ik gewoon ‘ben’, neemt al die verdomde chaos alleen maar toe. En hoe kan ik nu gewoon ‘zijn’ in chaos? Adem diep in en uit, Julie. Alles komt goed.
Bewust-zijn dus. Ik ben me ervan bewust dat ik alleen kan ontspannen als er geen chaos (meer) is. Wanneer is dat? Als alles ‘gedaan’ is. Mooi afgevinkt. De huishoudelijke taken zijn klaar. De honden hebben gewandeld en gegeten. De kippen zijn oké. De planten hebben water. De kinderen slapen. De man is tevreden. De dringendste administratieve taken zijn in orde. De belangrijkste mails zijn beantwoord. Ik heb gesport. Het huis ligt er proper en opgeruimd bij. Tijd om te ontspannen. Wat nu? Kan ik nog wel ontspannen? Ik kijk naar het leeshoekje dat ik heb gecreëerd. Een gezellige zetel, een bijzettafeltje, een leeslamp. Op het tafeltje ligt Het no-nonsense meditatieboek van neuroloog Steven Laureys. Het boek ligt er geduldig bij, wachtend om gelezen te worden. Ik denk alleen maar: lezen gaat zo traag. En ik neem mijn smartphone om TikTokfilmpjes te consumeren …
Zo gaat het een tijdje door. Ik weet dat de slinger uiteindelijk weer de andere kant zal opgaan. Maar eerst moet ik mijn keerpunt bereikt hebben. Ik denk dat ik er zo stilaan kom. Ik wil het meditatieboek graag uitlezen, zodat ik interessante weetjes over meditatie kan vertellen. En toepassen. Hier zit ik echter. Ik ben bijna halverwege. Maar eigenlijk heb ik het boek niet nodig om te weten wat ik al weet. Ik moet opnieuw vertragen. Echtheid ervaren. ‘Zijn’. Vreselijke modewoorden. Maar geloof me, ik heb er behoefte aan.

Alles in perspectief
Ik ga zitten. Ik staar naar buiten. De lente is op haar best. Bloesems, vogels … Waarom voel ik me niet vrolijk, opgelaten, blij? Ik sta stil bij mijn gevoel. Wat is het? Heb ik niet alles om gelukkig te zijn? Echt alles. Waarom streef ik steeds naar dat perfecte? Waarom speur ik in de spiegel naar wat ik niet mooi vind? Waarom scannen mijn ogen het huis en de tuin af naar imperfecties? Waarom ben ik zo hard voor mezelf? Waarom heb ik zo vaak kritiek op mijn man? Ik besef dat ik liever voor mezelf – en voor hem – mag zijn. Liefde verzacht zo veel.
Verder besef ik dat ik veel te veel negatief nieuws consumeer. Waarbij ik vervolgens de tijd niet neem om dat in perspectief te zetten. Is het echt het einde van de wereld? Zijn we er zo slecht aan toe? Wat is er toch allemaal aan de hand? In wat voor tijd leven we? Word ik afgeluisterd via mijn smartphone? Waar gaan we naartoe? Nemen robots het van ons over? Verliezen we onze menselijkheid? Ons verstand? Onze zingeving? Moet ik me gelaten voelen? Hoopvol? Strijdvaardig? Welke richting moet ik uit? Ik ben nu de volwassene. Op jou komt het aan. Help.

Rust in je brein
De onrust gaat niet liggen. Maar ik besef wel waar ze vandaan komt. Het brengt me bij de vier leerfasen van Abraham Maslow, klinisch psycholoog. Leerfasen die je doorloopt wanneer je vaardigheden wil aanleren: onbewust onbekwaam (je weet niet dat je het niet kan), bewust onbekwaam (je weet dat je het niet kan), bewust bekwaam (je kan het bewust), onbewust bekwaam (je kan het zonder erbij na te denken).
Mijn ogen dwalen over het meditatieboek. Meditatie-expert Matthieu Ricard werkte eraan mee. Die man is onbewust bekwaam. Meditatie is voor hem, een boeddhistische monnik, een manier van denken, handelen, leven, ‘zijn’ geworden. Hij moet er geen inspanning meer voor doen. Het is zijn staat van onbewust ‘bewust-zijn’ geworden. Heerlijk.
Zelf zit ik momenteel in de fase van ‘bewust onbekwaam’. Dat is al iets, vind ik zelf. Het komt er nu op neer om mijn geest te trainen. Niet alleen mijn lichaam. Dat is dus mogelijk. Je kan je hersenen oefenen om niet meer die lastige ‘monkey mind’ te hebben, waar ik het eerder over had – gedachten die van het ene onderwerp naar het andere springen, zonder enige controle of rust, zoals een aap die in de bomen klimt. Je kan je gevoelens en je pijn verzachten. Het bereiken van rust in je brein en in een stabiele staat van tevredenheid verkeren, is mogelijk. Daar heb je geen volmaakte wereld of afgevinkte to-dolijst voor nodig.
Eens je dat beseft, kan je bewust bekwaam gaan worden. Alles wat je zoekt, zit al in jezelf. Een holle spirituele frase? Toch niet, vind ik. Iemand in de gevangenis kan zich ‘vrijer’ voelen dan ‘een vrije burger’ met een dikke bankrekening. Je moet alleen de ‘zelfzorg’ aan de dag leggen om ook je geest te trainen.
Dus, ik kan me tevreden, kalm en ontspannen voelen in een wereld die onecht, onjuist en chaotisch aanvoelt. Ik kan oké zijn als ik niet mijn hele lijstje heb afgevinkt. Of als de spullen op mijn nachtkastje dooreen gehaald zijn. Het enige wat ik moet (of mag) doen, is investeren in … meditatie. Het boek lacht me toe. Wat hebben die TikTokfilmpjes me eigenlijk geleerd? Dat mijn brein veel moeite heeft om zich voldaan te voelen. Dat het steeds maar meer wil consumeren. Dus, meer ‘info’ in je brein pompen, is niet de oplossing om tot rust en tevredenheid te komen. Integendeel.

Genieten van echtheid
Ik denk terug aan een zin die me is bijgebleven uit mijn lang vervlogen tijd als student communicatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel: “The medium is the message”, aldus Marshall McLuhan, filosoof en mediatheoreticus. Kort, vluchtig, snel, eindeloos. De smartphone kan mijn honger niet stillen. Meer, meer, meer. Om dan onvoldaan, leeg en waarschijnlijk met een ontgoocheling over de wereld en mezelf te gaan slapen. Ik moet (wil) mezelf trainen om van traagheid en echtheid te genieten. Daar zijn de clichés weer, maar ze zijn waar. Het tactiele, de geur, de structuur, het papier van een boek. Het omslaan van een blad. Het vormen van je eigen fantasiebeelden in je hoofd. Dat is het.
Traagheid. Echtheid. Mijn hart vult zich stilaan weer met positieve gevoelens. De tijd nemen om een brood te kneden. Een taart te bakken. Planten met je eigen handen in de grond te zetten en te zien groeien. Een lekkere en verse maaltijd te koken. Eieren van je eigen kippen te rapen. Je huisdier (of man of kind) te strelen … Ja, ik ben me ervan bewust. Dat is wat ik nodig heb. Een echte wereld. Weg van al dat artificiële, al die overconsumptie, al die brol, al die dingen die gemaakt worden met als enige reden om er geld mee te verdienen. Terwijl ze de planeet en de dieren pijn doen en verwoesten. Genoeg. Echtheid graag.
En wat doe ik? Ik neem mijn smartphone erbij. Ik open TikTok. Ik typ ‘brood bakken’ en ‘tuinieren’ in. Binnen de kortste keren kom ik in een eindeloze, vluchtige en kunstmatige droomwereld van het ‘zorgeloze plattelandsleven’ terecht. Met breedlachende, mooie, jonge vrouwen in zelfgemaakte bloemenjurken in dure landhuizen. Met geitjes, kippen, ganzen, hier en daar een paard. Vrouwen die ‘niet hoeven te werken’. Ik consumeer het ene filmpje na het andere. Waarna ik me opnieuw ontevreden en leeg voel. Het brood ongebakken. De tuin vol onkruid. De ironie … Gelukkig kan je een smartphone wegleggen. Ik ga maar eens beginnen aan dat brood en aan dat onkruid. En intussen dromen van en sparen voor een klein landelijk huisje met een mooi zicht, bloemen én beestjes. Wetende dat ik die tevreden gevoelens eigenlijk al ‘in mij’ heb zitten. Misschien toch dat meditatieboek er nog maar eens bijnemen … als het brood in de oven zit en het onkruid is gewied.
Lees hier andere artikels over zelfzorg.