Daklozen

“Dat dit in een land als het onze kan, is hallucinant”

Geert Dewaele en Dimitri De Smet

29 januari 2026

10.000. Zoveel daklozen telt Brussel volgens de laatste officiële telling. Een hallucinant cijfer dat zeer zichtbaar is in de hoofdstad van Europa: rijen tentjes langs muren, onder bruggen en in parken. Quinten Vanagt van het huisvandeMens in Brussel ziet hoe het beleid, of het gebrek daaraan, de daklozen in de steek laat: “We vergeten dat dit over mensen gaat.”

Wanneer we Quinten spreken aan de Humanitaire Hub, een oriëntatiecentrum voor dakloze migranten, valt meteen op hoe heftig de situatie is. Tientallen tentjes staan rijenlang naast elkaar, mannen en vrouwen schuilen voor de regen en de kou. “De tenten zijn niet het probleem,” zegt hij. “Het probleem is dat de mensen die in die tenten leven niet geholpen worden. Ze worden in de kou gelaten, letterlijk én figuurlijk.” Hij ziet als Brusselaar de realiteit elk jaar erger worden. “Ik denk dat iedereen ziet hoe dit probleem blijft groeien, ook de vele pendelaars die hier werken. Er zijn steeds meer mensen die geen hulp meer krijgen, terwijl de budgetten van organisaties die wél willen helpen juist verminderen. Dat werkt langs twee kanten: de nood stijgt, de hulp daalt.”

Honderden daklozen slapen in tentjes langs de muren van de Humanitaire Hub in Brussel.

“We spreken vandaag over 10.000 dak- en thuislozen in Brussel. Dat is waanzinnig veel.” Hij legt uit hoe het uitblijven van een Brusselse regering er bovendien voor zorgt dat organisaties geen zekerheid hebben over hun financiering. “Er zijn zoveel organisaties die door die politieke blokkering hun budgetten zien verdwijnen of geen bevestiging krijgen. Dat creëert echt problematische situaties.” Quinten klinkt gefrustreerd maar vastberaden: “Als Brusselaar heb ik daar weinig begrip voor. Dat er politieke veto’s blijven bestaan terwijl mensen in precaire omstandigheden aan hun lot worden overgelaten… dat klopt gewoon niet.”

“De menselijkheid verdwijnt naar de achtergrond”

’s Avonds worden de problemen nog nijpender. De Hub is een dagcentrum, en sluit om zes uur. “In de winter betekent dat dat mensen buiten slapen, in temperaturen onder het vriespunt,” zegt Quinten. “Er is gewoon te weinig nachtopvang voor zoveel daklozen. Dat zijn mensonterende omstandigheden.” Veel van de mensen die op straat slapen, bevinden zich bovendien in een lopende asielprocedure en durven geen hulp aanvragen. “Ze zijn bang dat dat gevolgen heeft voor hun dossier. Daardoor vallen ze nog dieper tussen de mazen van het net.” Wanneer we enkele daklozen proberen te spreken, weigeren ze vriendelijk maar ook angstig. Je voelt dat ze haast niemand meer durven vertrouwen.

Wat Quinten het meest raakt, is dat de menselijkheid steeds verder naar de achtergrond verdwijnt. “We vergeten dat dit over mensen gaat. Alles draait tegenwoordig om budgetten en politieke afwegingen, maar de sociale gevolgen worden genegeerd.” Volgens hem is er een wijdverspreid, fout idee dat dakloosheid voortkomt uit persoonlijke schuld of keuzes. “Dat is een misvatting. De groep is veel diverser dan dat. Het gaat om mannen, vrouwen, kinderen, mensen met en zonder papieren, mensen die simpelweg op zoek zijn naar een beter leven.”

Quinten Vanagt: “Er is gewoon te weinig nachtopvang voor zoveel daklozen. Dat zijn mensonterende omstandigheden.”

“We kunnen een warme samenleving zijn, als we ervoor kiezen”

Om toch iets te betekenen, organiseert het huisvandeMens van Brussel sinds begin dit jaar een soepbedeling. “We willen het probleem blijven aankaarten, maar ook iets doen dat heel even een verschil kan maken,” zegt Quinten. “Het is maar een kleine druppel op een hete plaat, maar we proberen ons steentje bij te dragen.”  Volgens Quinten moet er dringend ingegrepen worden, zowel financieel als beleidsmatig. “Budgetten verhogen is belangrijk, maar het gaat ook over het hele beleid aanpassen. Mensen moeten op een menselijke manier worden geholpen. Dat België al meermaals is veroordeeld voor het niet respecteren van mensenrechten in opvangsituaties… dat dat in een land als het onze kan, is eigenlijk hallucinant.”

Tegelijk benadrukt hij dat verandering niet alleen van bovenaf mag komen. “We kunnen allemaal iets doen. Kleine gebaren maken een groot verschil. Een hallo, een knik, een gesprek, een broodje geven, … het begint daarmee.” Iedereen kan goederen doneren aan de Hub. “Zij zorgen ervoor dat alles bij de juiste organisaties terechtkomt, en zo bij de mensen die het het meest nodig hebben.”

Terwijl de regen uit de lucht blijft vallen op de tenten langs de muren van de Hub, benadrukt Quinten zijn boodschap kernachtig: “Het begint met niet wegkijken. We kunnen een warme samenleving zijn, als we ervoor kiezen.”

 

Wil je als vrijwilliger meehelpen bij de actie voor daklozen van het huisvandeMens in Brussel? Meld je dan hier aan.