Geert Dewaele
18 december 2025
Al dertien jaar stapt Germaine Drieskens wekelijks de gevangenis van Hasselt binnen. Niet als cipier, niet als psycholoog, maar als vrijwillige moreel consulent. Ze luistert en spreekt met gedetineerden en probeert hen ook een sprankel hoop te bieden. En dat ondanks een vaak uitzichtloze situatie in een plek die door de overbevolking alsmaar mensonwaardiger wordt. “Iedereen die hier zit, heeft daden gedaan, maar hij ís zijn daden niet,” zegt ze. Een gesprek over menselijkheid achter tralies.
Germaine Drieskens ontvangt ons met een brede glimlach aan de poorten van de gevangenis in Hasselt. Ze draagt een lichtpaarse blazer: “Ik breng graag kleur achter de tralies.” En dat ze een verschil maakt in de gevangenis, merk je meteen. Iedereen begroet haar en als ze gevangenen ontmoet zie je de vaak grauwe gezichten even opklaren. Germaine voelt zich hier als een vis in het water, en dat al dertien jaar lang.
“Het is eigenlijk begonnen toen iemand mij wees op een vacature als vrijwilliger voor moreel consulent. Het sprak me meteen aan. Het idee dat je mensen kunt ondersteunen in een omgeving waar menselijkheid vaak ver te zoeken is, raakte me. Ik ben gestart en vanaf dag één wist ik: dit is zinvol werk. Het geeft me voldoening omdat ik voel dat ik het verschil maak. Ik kom bijna elke week, vrijwillig, en ik blijf dat doen omdat ik zie wat het betekent voor gedetineerden. Soms is een gesprek met ons het enige moment waarop ze zich gehoord voelen.”
Wat doet een moreel consulent in de gevangenis precies?
Wij voeren gesprekken met gedetineerden, en die gesprekken zijn heel breed. Het gaat zelden over hun misdrijf, tenzij zij dat zelf willen, maar vooral over wat hen bezighoudt: hoe ze omgaan met het leven in een cel, hoe moeilijk het is om met twee of drie mensen samen te zitten, hoe ze het verloop van hun proces ervaren, of hoe ze omgaan met verlies en eenzaamheid. Ik ontvang iedereen met respect, altijd met een handdruk. Dat lijkt een detail, maar het is een belangrijk gebaar in een omgeving waar respect niet vanzelfsprekend is. Het gesprek is vertrouwelijk. Alles wat we zeggen, blijft binnen vier muren. Dat schept veiligheid en maakt dat mensen durven praten. Soms komen er tranen, soms filosofische gesprekken. Ik heb altijd zakdoeken bij me, want emoties komen vaak los.

Hoe komen gedetineerden bij jou terecht?
Meestal via een aanvraag in het interne systeem. Vroeger was dat een briefje, nu gaat het digitaal. Ze schrijven letterlijk: ‘Ik wil een gesprek met een moreel consulent.’ Maar soms gebeurt het spontaan. Ik kom iemand tegen in de gang, we maken een praatje, en dan zegt hij: ‘Ik wil ook wel eens praten.’ Voor veel mensen is het een opluchting om iemand van buiten de gevangenis te zien. Het is een wereld op zich hierbinnen, en dat maakt onze rol zo belangrijk. Wij brengen een stukje buitenwereld naar binnen.
Wat maakt jouw werk vrijzinnig humanistisch?
Ik vertrek vanuit gelijkwaardigheid. De mens staat centraal. Ik zie hen als medemensen, niet als hun misdrijf. Iedereen is welkom. Ik luister zonder vooroordelen. Het gaat om openheid en respect. Vrijzinnig humanisme betekent voor mij dat je vertrekt vanuit de gedachte dat ieder mens waardevol is, ook al heeft hij fouten gemaakt. Ik zeg altijd: ‘Je bent je daden niet.’ Dat is een fundamenteel uitgangspunt.
Je doet dit al dertien jaar. Wat is er veranderd?
Vooral de overbevolking. Toen ik begon, zaten mensen alleen op cel. Nu vaak met twee of drie. Privacy is onbestaande. Een toilet naast het bed, matrassen op de grond. Dat is mensonwaardig. De Rechten van de Mens zouden hier opnieuw gelezen moeten worden. Ministers zeggen dat ze iets doen, maar intussen komen er alleen maar meer gedetineerden bij. Voor gedetineerden is dat verschrikkelijk. Ze zeggen vaak: ‘Roep mij maar op, dan ben ik even uit mijn cel.’ Dat zegt genoeg.
Wat doet dat met mensen?
Het maakt het leven hier heel moeilijk. Spanningen nemen toe, agressie ook. Als je met drie mensen in een kleine ruimte zit, zonder privacy, dan is dat een voedingsbodem voor conflicten. Je hebt geen plek om tot rust te komen. Zelfs bellen met je partner is moeilijk: je wacht tot je celgenoot gaat wandelen, maar dan is je partner misschien aan het werk. Het zijn kleine dingen die een enorme impact hebben. En dan heb je nog het verlies van contact met de buitenwereld. Partners haken af, vrienden verdwijnen. Voor sommigen is een gesprek met ons het enige moment van menselijk contact.
Waarom blijf je dit doen?
Omdat ik voel dat ik het verschil maak. Als iemand vraagt: ‘Wanneer mag ik terugkomen?’ weet ik dat het gesprek iets betekend heeft. Dat geeft voldoening. Ik breng menselijkheid binnen waar die vaak ontbreekt. Het is wederzijds: ik krijg er ook veel voor terug. Dankbaarheid, soms uitgesproken, soms stil. Dat is genoeg om te blijven komen.
Wat zou je veranderen als je kon?
Meer alternatieven voor opsluiting, zoals werkstraffen. En vooral: menswaardige omstandigheden. Opsluiting is het antwoord van de maatschappij op een delict, maar menselijkheid mag nooit opgesloten worden. Nu zie ik mensen die hier jaren zitten en op het einde gewoon de deur uitgaan, zonder voorbereiding. Dat is niet goed voor hen, en niet goed voor de samenleving.

Kan er ook gelachen worden?
Ja, gelukkig wel. Soms over kleine dingen, soms over hun eigen miserie. Humor helpt om het draaglijk te maken. Er wordt ook gespeeld, rummikub bijvoorbeeld, maar ik neem daar zelf geen tijd voor. Ik wil gesprekken voeren. Maar lachen doen we zeker.
Voel je je ooit onveilig?
Eigenlijk niet, maar ik ben altijd alert. Ik heb ooit een akkefietje meegemaakt, sindsdien neem ik een alarm mee als ik naar een cel ga. Je moet opletten, maar ik voel me verder veilig. Het is een kwestie van respect en oplettendheid.
Zie je veel gedetineerden na hun vrijlating terugkeren?
Ja. Mensen komen terug omdat ze buiten weinig kansen krijgen. Soms zie ik iemand na een half jaar opnieuw. Dan beginnen we gewoon weer te praten. Dat zegt veel over hoe belangrijk die gesprekken zijn. Het is niet alleen luisteren, het is ook een stukje hoop geven. We vergeten soms dat achter elke celdeur een mens zit. Een mens met fouten, maar ook met dromen, verdriet en verlangen naar waardigheid. Als samenleving hebben we de neiging om muren te bouwen, maar muren lossen niets op. Menselijkheid wel. Dat is wat ik hier probeer binnen te brengen, elke dag opnieuw.
Lees ook het interview met de gevangenen Maarten en Danny: “De gevangenis maakt me geen betere mens”
De Stichting Morele Bijstand voor Gevangenen biedt morele bijstand aan gedetineerden in alle Belgische gevangenissen. Gevangenen kunnen terecht bij morele consulenten voor een gesprek. Steun de Stichting via deze link.
Interesse om vrijwilliger te worden in de gevangenis? Ontdek hier de vacatures.