Atheïsme
Geert Dewaele en Dimitri De Smet
6 november 2025
Op 15 november wordt filosoof Jean Paul Van Bendegem gelauwerd als Atheïst van het Jaar. Een geuzentitel die hem niet alleen plezier doet, maar ook doet nadenken over wat het vandaag betekent om te leven zonder goden. “Dwarsliggers zijn nodig voor het maatschappelijk verkeer”.
Geert Dewaele en Dimitri De Smet
Jean Paul Van Bendegem is een universum op zich. Op bezoek in zijn huis in Gent, zorgt de opkomende zon voor de theatrale uitlichting van een van de uitpuilende boekenkasten. Zijn hoogbejaarde kater Bonnie Prince Charlie kijkt ons doordringend aan. Voor ons zit een levenslustige prille zeventiger die zichzelf en de wereld niet al te ernstig neemt, in alle ernst. Zijn pretoogjes blinken als we hem feliciteren met de titel van Atheïst van het Jaar.
“Mijn eerste reflex was: oei, en wat dan het jaar daarna? Maar tegelijk dacht ik: dit is een waardering die niet gaat over publicaties of een academische carrière, maar over hoe ik als mens in het leven sta. En misschien nog belangrijker: ik ben niet de karikaturale atheïst, de papevreter die ’s morgens een pastoor tussen de boterhammen moet hebben. Dat is mij vreemd. Ik beschouw de prijs als een erkenning van nuance.”
Wat is atheïsme voor u?
“Je hebt de uitgangspositie: er is niets hogers, ik doe het met dit universum. Maar dan komt de echte vraag: wat zegt dat over hoe je leeft? Het gaat om een positieve invulling. Niet alleen ‘dit allemaal niet’, maar: wat betekent het om als atheïst in het leven te staan?”
Was dat een bewuste keuze?
“Neen, die reflectie kwam later. Je hebt al die levenshouding, en dan vraag je je af: waarom leef ik zoals ik leef? Ik kom uit een gereformeerd protestants gezin. Daar was de stem van je geweten cruciaal. Mijn vader zei altijd: als je geweten zegt ‘ik moet dit doen’, dan moet je dat doen. Dat was de basis.”

Hoe bent u dan van geloof naar vrijzinnigheid geëvolueerd?
“Een Nederlandse dominee in geloofscrisis gaf mij als tiener een nieuw perspectief. Hij vertelde het leven van Jezus zonder mirakels, met wetenschappelijke en symbolische verklaringen. Dat was verhelderend. Jezus werd een rolmodel, God verdween naar de achtergrond. Later, aan de universiteit, kwam de filosofische bevestiging: Etienne Vermeersch zei dat alle vragen over God nonsensicaal zijn. Probleem opgelost.”
Is het moeilijker om atheïst te zijn dan gelovige?
“Misschien wel om het uit te leggen. Atheïsme is ook een levensbeschouwing, een zingevingsmechanisme. Het is niet zomaar ‘doe maar wat’. Het vraagt reflectie.”
Hebt u rituelen als atheïst?
“Ja, ik behoor tot die rare club: de vrijmetselarij. Mijn toetreding had te maken met rituelen. De protestantse kerk waarin ik ben opgegroeid is ontdaan van rituelen, behalve dan het laatste avondmaal. In de vrijmetselarij moet je zelf betekenis geven aan symbolen. Dat vind ik interessant. Maar rituelen hoeven niet groots te zijn. Voor mijn vrouw en mij is het aperitief om zes uur een ritueel. Sinds enkele jaren wel niet-alcoholisch, maar dat maakt het niet minder zingevend (lacht). Het markeert de dag.”
Zijn we niet allemaal op zoek naar rituelen?
“Absoluut. Zelfs studenten hebben kleine rituelen voor een examen. Ik zie sommigen aan de deur staan en erop letten dat ze eerst met hun rechtervoet de examenarena binnenstappen. Rituelen geven houvast. En ik denk dat we in een geseculariseerde samenleving nieuwe rituelen moeten ontwikkelen. Vrijzinnig humanisme heeft daar een troef: het kan rituelen creëren die echt over mensen gaan, niet over abstracte dogma’s.”
Ondanks het feit dat er voor atheïsten geen leven na de dood is, spreken ze toch vaak over de dood. Waarom?
“Het enige stukje waar je controle over hebt, is dat korte leven. Dat je daar greep op wilt hebben, begrijp ik. Ik vind het geniaal dat we nu de regie van ons leven op het einde ook in handen kunnen nemen. Euthanasie biedt de mogelijkheid om afscheid in de regie te betrekken.”
Bent u zelf bang voor de dood?
“Neen. Ik heb geen voorstelling van de 13,7 miljard jaar toen ik er nog niet was. Waarom zou ik een voorstelling maken van wat komt? Doodgaan vind ik niet erg, ik wil er alleen niet bij zijn als het gebeurt.”
Wat wilt u nog realiseren?
“Ik denk niet dat ik zelf initiatieven ga ontwikkelen, maar als er dingen langskomen en men vraagt mij om mijn schouders eronder te zetten, zal ik dat graag doen. Ik beschouw mijzelf als iemand van het woord. Mijn grootste wens? Een stichting oprichten ter bevordering van de filosofie, met mijn bibliotheek en rariteitenkabinet. En verder: blijven inspireren. Als iemand na een lezing zegt: ‘Ik heb het nog nooit zo bekeken’, dan is mijn dag goed.”
Hoe wilt u herinnerd worden?
“Als dwarsdenker. Dwarsliggers zijn nodig: zij maken het maatschappelijk verkeer mogelijk.”
Jean Paul Van Bendegem wordt op 15 november gelauwerd in Gent tijdens de Atheïsmedag. Iedereen is welkom, de toegang is gratis. Schrijf je hier in.