Interview
Peter Egberghs
Vier Mechelse vrouwen, Maria Everaerts, Anna Broothuys, Margareta IJsermans en Katelijne Janssens, verdwenen in de zeventiende eeuw op de brandstapel, veroordeeld als heksen tijdens een van de donkerste episodes uit de stadsgeschiedenis. Stadsgids en vrijzinnig humanist François Van der Jeught (74) en Egied Rossiau (83) van erfgoedvereniging Mechelen 2000+ vonden dat Mechelen niet langer mocht zwijgen. En met resultaat, want het stadsbestuur belooft een gedenksteen voor “de vier slachtoffers van vrouwenhaat”, aldus burgemeester Somers.
Maria Everaerts, Anna Broothuys, Margareta IJsermans en Katelijne Janssens werden zonder eerlijk proces veroordeeld tot de brandstapel. Maar vier eeuwen na hun dood, krijgt de oproep tot symbolisch eerherstel eindelijk gehoor.
Voor François Van der Jeught moet dat meer zijn dan een historische geste: “Ik las onlangs dat een Antwerpse stadsgids erin geslaagd was om de enige vrouw die in Antwerpen als heks veroordeeld werd tot de brandstapel in ere te herstellen. Dat gebeurt met een straatnaam in de buurt van het Steen en het Vleeshuis, met een kleine historische kadering. Ook in Lier is er nu een gedenksteen op de vermoedelijke plek op de Grote Markt waar een vrouw werd terechtgesteld.
Hier in Mechelen waren het wel vier vrouwen. Hun namen zijn bekend: Maria Everaerts, Anna Broothuys, Margareta IJsermans en Katelijne Janssens. De laatste drie vonnissen vielen in 1642 binnen de zes maanden. Het was een zwart jaar. Een schandvlek in de geschiedenis van de stad. De schouten van toen, samen met het toenmalige stadsbestuur, moeten religieuze fanatici geweest zijn. Ik vond dat Mechelen, de stad van de mensenrechten, niet mag achterblijven en ook een eerherstel zou moeten geven aan deze vier vrouwen.”
Dit is niet de eerste oproep tot eerherstel…
“Nee, dat is nog eens gevraagd in de gemeenteraad, door Thijs Verbeurgt, toen in de oppositie. Dat was zonder succes, onbegrijpelijk. Later was er ook nog een oproep van iemand (Erwin Horckmans, red.) die gidsbeurten geeft. Hetzelfde resultaat.
Een aantal jaren geleden was er het initiatief #meervrouwopstraat van Sofie Lemaire op VRT. Toen kwam de naam van Katelijne Janssens bovendrijven en werd een straat naar haar vernoemd in deelgemeente Battel. Verschillende verenigingen in Battel hadden liever een straatnaam van iemand met een sterkere lokale band. Want Katelijne was helemaal niet van het Mechelse. Ik ben gaan kijken naar dat straatnaambordje. Er staat geen verwijzing op dat zij veroordeeld werd omdat ze toen beschouwd werd als heks. Mooi opzet maar het is geen eerherstel.
En dan heb ik, samen met Egied Rossiau, al vele jaren Mechels stadsgids én voorzitter van de erfgoedvereniging vzw Mechelen2000+, het initiatief genomen. Er kwam een perstekst. We hebben nog grappend tegen elkaar gezegd, dat uitgerekend twee oudere mannen met een grijze baard, want dat zijn wij, opkomen voor vrouwenrechten …
De pers heeft het opgepikt en het is via die weg ook bij het stadsbestuur terechtgekomen, dat er blijkbaar nu wel mee aan slag wil gaan. We zullen zien. Het is nog onduidelijk wat het gaat worden. Een gedenksteen aan het toenmalig stadhuis waar de vonnissen werden uitgesproken, vandaag het Postgebouw, met hun namen erop bijvoorbeeld. Het kan een ankerpunt zijn tijdens de mensenrechtenwandelingen in de stad.”
Hoe past vrijzinnig humanisme in dit verhaal voor jou?

“Ik las recent een artikel van Raymonda Verdyck, voorzitter DeMens.nu, waarin zij duidelijk illustreert dat mensenrechten fundamenteel zijn voor het vrijzinnig humanisme. Ik heb dat met belangstelling gelezen. Ik heb zelf in mijn loopbaan nog hierover lesgegeven. Artikel 1 van het Universele Verdrag voor de Rechten van de Mens zegt dat alle mensen vrij en gelijk zijn in waardigheid en rechten.
We zien al een hele tijd in de media debatten in verband met vrouwen en onveiligheid, over femicide, herinner ook Femme de la rue, het debacle in De Afspraak. Het thema leeft. Het is actueel. Tegelijk zien we een felle opkomst, een revival, van religies. Je ziet in onze maatschappij, de laatste decennia, hoe langer hoe meer religie. Ongelijkheid en discriminatie zijn gebetonneerd in welke religie dan ook. Vooral ten aanzien van vrouwen.
Heksenwaan was een uitwas van fundamentalistisch religieus denken. Vrouwonvriendelijk, dat is het minste wat ik kan zeggen. Vrouwenrechten zijn mensenrechten. Vrij van discriminatie. Vrij van geweld en onveiligheid, vrij van ongelijkheid. Niet vergeten, hier in Mechelen, was de zetel van aartsbisdom van de toenmalige Lage Landen. Je zit hier in het religieuze hart. In 1648, enkele jaren na de veroordelingen in 1642, had je de definitieve scheiding tussen Noord en Zuid. Dus met al die religieuze conflicten, dat past er dus allemaal in. En vrouwen zijn er zeker ook de dupe van geweest.
Als je je verleden niet kent, dan weet je niet wat er vandaag gebeurt en weet je niet wat er kan komen. Het is belangrijk om evoluties te zien, om mechanismen te zien in de maatschappij. En het is niet fraai wat er allemaal gebeurt. Als je weet dat we nog maar een paar dagen terug de herdenking hadden van de aanslagen in Zaventem en Maalbeek tien jaar geleden. En incidenten houden niet op.
Ik voel me vaak als vrijzinnig humanist “aan de kantlijn”. Onze stem is heel stilletjes in het sociale debat. Vind ik. Onze levensbeschouwing dient nog beter uitgedragen. Vrijzinnig humanisme gaat verder dan alleen maar over abortus of alleen maar over euthanasie. Dat zijn geen gemakkelijke onderwerpen. Voor mij is ook belangrijk, hoe blijven we met elkaar omgaan?
Als je je verleden niet kent, dan weet je niet wat er vandaag gebeurt en weet je niet wat er kan komen.
Opnieuw naar artikel 1: elkaar bejegenen in een geest van broederschap. Maar hoe doen we dat met mensen die religie boven fundamentele mensenrechten plaatsen? Hoe blijven wij samenleven? En de vraag voor eerherstel voor die vier vrouwen, dat kleine ding, is mijn manier om aandacht te vragen voor vrouwenrechten, die fundamentele mensenrechten zijn. Een signaal. Een waarschuwing. En als het initiatief concreet tot een resultaat komt, kan het bijdragen voor ieder die de gedenksteen ziet en de vier namen met de duiding leest, om na te denken en te overdenken. Nogmaals, over fundamentele mensenrechten, zeker wanneer het om meisjes en vrouwen gaat in onze maatschappij van vandaag en morgen.”
Wanneer het gesprek eindigt, verwijst François nog naar Gruwelgids voor Oud-Mechelen van Marcel Kocken, dat de heksenwaan in de stad scherp blootlegt. Daarna wandelt hij verder richting Stadsarchief. Zijn oproep voor eerherstel is klein in vorm, maar groot in betekenis: een uitnodiging om stil te staan bij wie onrecht werd aangedaan.
Lees ook het opiniestuk van Raymonda Verdyck: “Vandaag lijken de rechten van de mens een holle slogan”
Wij gebruiken cookies om onze website goed te laten functioneren en om inzicht te krijgen in het gebruik van de site. Door op "Accepteren" te klikken geef je toestemming voor het gebruik van alle cookies. Je kunt je voorkeuren op elk moment aanpassen.