Vurig Verbonden Manifest

Vrij en kritisch denken is een recht: "Het is niet alleen een recht, het is een noodzaak. Het is de basis voor elke andere vrijheid."

6 november 2026

Het vrijzinnig humanisme is een levensbeschouwing die op een unieke manier naar het leven kijkt. In het Vurig Verbonden Manifest maken tien artikels duidelijk waar het vrijzinnig humanisme voor staat. Hieronder spreken vrijzinnig humanisten zich uit over een van die artikels.

Artikel 2. Vrij en kritisch denken is een recht. Ieder mens heeft het recht om te twijfelen, vragen te stellen en zelfstandig een mening te vormen. Geen idee, overtuiging, ideologie, godsdienst of levensbeschouwing staat boven kritiek. Vrijdenken leidt naar vooruitgang. Denk voor jezelf.

 

Tinneke Beeckman: “Hoe kan je weten wat waar, goed of waardevol is, als je er niet vrij over mag nadenken?”

Tinneke Beeckman is filosofe en schrijfster

Vrij denken is niet alleen een recht; het is een noodzaak. Het is de basis voor elke andere vrijheid. Hoe kan je weten wat waar, goed of waardevol is, als je er niet vrij over mag nadenken? En hoe kan je weten wat vrijheid is, als je ook daarover niet voluit vragen mag stellen, ideeën mag opperen en gedachten met anderen mag uitwisselen?

Over elk onderwerp mag vrij worden gedacht. Sterker nog, het feit dat een vrijheid wordt beperkt, is al reden genoeg om kritische vragen te stellen. Wie voor vrijheidsbeperking pleit, maakt duidelijk dat juist daar kritisch denken nodig is.

Zijn er taboes in deze samenleving? Uiteraard. Kijk maar naar de thema’s waar mensen onzeker, zelfs angstig over worden. Waarover ze niet vrijuit durven spreken, waar ze vrezen meteen beschuldigd te worden, waar ze sociale uitsluiting of negatieve reacties verwachten, nog voor ze hun punt hebben kunnen maken. Daar liggen telkens de grenzen van het vrije denken.

Het pleidooi voor vrij denken gaat mooi samen met: denk voor jezelf, zorg voor elkaar. Maar het omgekeerde geldt evengoed: denk met anderen, zorg voor jezelf. Bedenk, bespreek, overleg, onderzoek samen met anderen. Zonder bang te zijn om een vergissing te maken, in vertrouwen dat samen denken tot betere ideeën kan leiden. Zo zorg je ook voor jezelf, voor je eigen geest, voor je eigen kijk op het leven.

 

Dirk Verhofstadt: “Vrijheid van denken en spreken is een voorwaarde voor algemene menselijke vrijheid.”

Dirk Verhofstadt is moraalfilosoof en publicist

Wie het heeft over de vrijheid van denken kan niet voorbij het boek On Liberty van de liberale filosoof John Stuart Mill. In zijn hoofdstuk Over de vrijheid van denken en spreken schreef hij: “Als mijn betoog enige waarde heeft, dan moet de volste vrijheid bestaan om, als punt van ethische overtuiging, elke leerstelling te belijden en te bespreken, hoe immoreel men die ook mag vinden.” Daarmee maakte hij duidelijk dat de vrijheid van denken en spreken een voorwaarde is voor algemene menselijke vrijheid.

Dat betekent dat ook maatschappelijk af te keuren uitspraken mogelijk moeten zijn. Uitspraken tegen homoseksualiteit moeten humanisten afkeuren en bestrijden. Maar ze verbieden mag niet. Hier past de aan Voltaire toegeschreven uitspraak: “Je hais vos idées, mais je me ferai tuer pour que vous ayez le droit de les exprimer.” Ook Mill ging daar ver in: “Elk stilleggen van een discussie is een aanmatiging van onfeilbaarheid.” Dát is de vrijheid die Mill ons heeft nagelaten: de vrijheid om van mening te verschillen.

Wil dat nu zeggen dat die vrijheid absoluut is? Nee. Mill schreef: “De enige reden waarom men rechtmatig macht kan uitoefenen over enig ander lid van een beschaafde samenleving, tegen zijn zin, is de zorg dat anderen geen schade wordt toegebracht.” Dit is het befaamde schadebeginsel. Grosso modo worden drie zaken met betrekking tot de vrijheid van meningsuiting niet aanvaard: laster en eerroof, meineed en het aanzetten tot geweld. Het is aan de onafhankelijke rechterlijke macht om zich daarover uit te spreken.

 

Tjorven Laurent: “Vrijdenken heeft mensen nodig. Niet omdat een computer het niet zou kunnen, maar omdat het in functie van de mens moet staan.”

Tjorven Laurent is leerkracht niet-confessionele zedenleer

Om als leerkracht mee te zijn met de leerlingen, volg ik verschillende sociale media. Daar kijk ik dan regelmatig eens naar de commentaren. Onlangs viel het me op dat verschillende meningen op hun beurt reacties krijgen als ‘Bot’ of ‘NPC’. Dat wil zoveel zeggen als: ‘Je bent een robot’ of ‘Je bent geen echte persoon’. Sommige mensen krijgen dus het gevoel dat we omringd worden door ideeën die losstaan van mensen. Dat zette me aan het denken.

Is het een probleem voor het vrijdenken dat ideeën loskomen van mensen? Het maakt de zwaartekracht immers niet uit of we erin geloven of niet. Toch zou ik liever hebben dat een architect of ingenieur rekening houdt met de zwaartekracht. Dat we dat niet telkens moeten ondervinden wanneer een constructie in elkaar valt. Zo kwam ik tot de conclusie dat vrijdenken alleen kan door dingen aan de realiteit af te toetsen. Anders kan je evengoed hallucineren.

Op eenzelfde manier heeft vrijdenken volgens mij mensen nodig. Niet omdat een computer het niet zou kunnen, maar omdat het nog altijd in functie van de mens moet staan. Als we dus willen vrijdenken, moeten we ons ook ideeën eigen kunnen maken. Dat is in tijden van AI vaak een uitdaging in de klas. Want mensen hebben recht op vrijdenken. Ideeën hebben geen rechten op zich.

Foto bovenaan © Elisa Maenhout