Artsen over het levenseinde: een noodzakelijke dialoog over waardigheid, grenzen en complexiteit

Joke Goovaerts

25 september 2026

De maatschappelijke en politieke discussie rond de Belgische euthanasiewet is volop in beweging. Vooral de thema’s dementie en wilsonbekwaamheid staan centraal: waar liggen de grenzen van zelfbeschikking wanneer iemand niet langer wilsbekwaam is? Een mogelijke uitbreiding van de wet staat opnieuw op de politieke agenda. Aan de VUB-campus in Jette vond daarover het debat “Artsen over levenseinde” plaats. Artsen als Wim Distelmans en Reginald Moreels gingen er in gesprek over de ethische dilemma’s die zij dagelijks ervaren. 

Aan de hand van concrete casussen werd zichtbaar hoe uiteenlopend en moeilijk de vragen rond het levenseinde zijn.De sprekers gingen dieper in op levensbeëindiging bij ernstig zieke pasgeborenen, de begeleiding van mensen die levensmoe zijn of spreken over voltooid leven en euthanasie bij personen met dementie.

Moderator Xavier Taveirne leidde het gesprek tussen prof. dr. Wim Distelmans (VUB), prof. dr. Patrick Cras (UZA), oorlogschirurg Réginald Moreels en de Nederlandse huisarts Marinou Arends, auteur van ‘Aangeklaagd voor euthanasie’.

Er kwamen prangende vragen aan bod die artsen vandaag bezighouden. Waarom hanteren het merendeel van de psychiaters geen tweesporenbeleid, waarbij zowel het verzachten van lijden als het luisteren naar een euthanasieverzoek volwaardig worden meegenomen? Hoe kunnen opleidingen zorgprofessionals beter voorbereiden op dergelijke complexe vraagstukken? Waarom moeten mensen soms nog steeds zinloze behandelingen ondergaan, om vervolgens naar huis gestuurd te worden met de boodschap: “Je zal ermee moeten leren leven”? Wanneer is iemand eigenlijk uitbehandeld? Hoe kan een arts zien of iemand ondraaglijk lijdt? En wat met hulp bij zelfdoding of het zogenaamde suïcidecontract? Het debat maakte duidelijk dat deze vragen niet theoretisch zijn, maar zich dagelijks aandienen in de klinische realiteit.

Complexiteit boven standpunten

De sprekers maakten duidelijk dat elke situatie uniek is. Een duidelijke prognose is vaak moeilijk te maken, en ondanks technologische vooruitgang blijft het een uitdaging om een sluitende diagnose of behandeling te formuleren. Het doel was niet om tot één antwoord te komen, maar om een genuanceerde dialoog te voeren, gebaseerd op ervaring, medische expertise en ethische reflectie. Maar zoals Wim Distelmans zegt: “Uit respect voor de zelfbeschikking en om toekomstige ellende te vermijden, moet deze wetswijziging er komen.”