“Spijt is geen foutmelding. Het is feedback op je leven.”

Geert Dewaele en Dimitri De Smet

29 september 2026

Met zijn podcast Tot onze grote spijt, zijn gelijknamige boek en zijn lezingen heeft Johan Terryn van een emotie waar we liever van wegkijken een maatschappelijk gesprek gemaakt. Wat begon met een persoonlijk knagend gevoel, groeide uit tot een zoektocht naar de betekenis van spijt. Volgens Terryn is spijt veel meer dan een lastige emotie. Het is een signaal dat ons iets vertelt over wie we zijn, wat we missen en wat we belangrijk vinden. Op donderdag 22 oktober komt hij erover spreken in Antwerpen en op 24 oktober is hij ook te gast op het Vurig Verbonden Lichtfestival. “Achter bijna elke spijt schuilt een verlangen.”

Wie Johan Terryn kent, kent hem als verhalenverteller, theatermaker, auteur en radio- en televisiemaker. Eerder maakte hij indruk met Het Uur Blauw, een project dat ontstond na het overlijden van zijn vader tijdens de coronaperiode en waarin rouw centraal stond. Daarna volgde een nieuwe zoektocht: niet rouw, maar spijt begon zich op te dringen. Via podcasts, theatervoorstellingen en gesprekken met tientallen mensen ontdekte hij dat achter vrijwel elke spijt een verlangen schuilgaat. Een verlangen naar verbinding, liefde, moed of nabijheid.

Hoe ben je op het idee gekomen om rond spijt te werken?

Dat antwoord is minder spectaculair dan je misschien zou denken. Ik had eerst Het Uur Blauw gemaakt, een podcast over rouw. Dat project ontstond na het overlijden van mijn vader tijdens corona. Hij zat in een woonzorgcentrum en ik kon hem nauwelijks nog zien. Vanuit mijn eigen verdriet ben ik gesprekken beginnen voeren met mensen die ook iemand verloren hadden. Daaruit ontstond een podcast, een boek, een theatervoorstelling en lezingen.

Na dat traject had ik het gevoel dat ik een thema had geraakt waar mensen echt nood aan hadden. Ik wilde opnieuw zo’n onderwerp vinden. Op een nacht werd ik wakker met een knagend gevoel. Er was net iets geëindigd in mijn relationele leven en ik vroeg me af: hoe ben ik hier eigenlijk terechtgekomen? Toen besefte ik dat het om spijt ging. Niet om schuldgevoel, maar om een gevoel dat ik eigenlijk mijn hele leven al had weggeduwd. Ik geloofde lang in het principe van ‘no regrets’. Alles gebeurt om een reden, zeggen we dan. Maar dat ontslaat je ook van de zelfreflectie die soms nodig is. Als je nooit stilstaat bij wat fout liep, blijf je dezelfde patronen herhalen. Dat inzicht was voor mij het begin van deze hele zoektocht.

Waarom praten we zo weinig over spijt?

Johan Terryn: “We zeggen veel te gemakkelijk tegen mensen dat ze iets moeten loslaten of een plaats moeten geven.”

Omdat onze cultuur ons voortdurend vertelt dat spijt nutteloos is. We zeggen: gedane zaken nemen geen keer. Of: spijt komt altijd te laat. De boodschap is telkens dezelfde: kijk vooruit en blijf er niet in hangen.  Maar daarmee doen we iets vreemds. We behandelen spijt alsof het een defect is, terwijl het net een waardevol signaal kan zijn. Voor mij is spijt het gevoel dat je hebt wanneer je door eigen toedoen tegen je eigen normen en waarden bent ingegaan en jezelf daardoor iets tekort hebt gedaan. Het gaat over verantwoordelijkheid. Over iets wat je gedaan hebt of juist niet gedaan hebt. Zoals alle emoties probeert spijt je aandacht te trekken. Het komt iets vertellen. Het zegt: kijk hier eens naar, want dit is belangrijk voor jou. Als je dat begrijpt, verandert ook je houding tegenover dat gevoel.

Hoe ben je aan de slag gegaan met dat inzicht?

Ik ben eerst op spijtreis gegaan. Ik trok alleen naar Portugal, omdat ik vond dat ik eerst mijn eigen spijt moest begrijpen voor ik anderen daarover kon bevragen. Dat bleek minder eenvoudig dan ik had verwacht. De spijt kwam zich niet meteen tonen. Ik had dat gevoel blijkbaar zo lang weggeduwd dat ik het moeilijk kon terugvinden. Daarom begon ik tegen mijn telefoon te praten. Urenlang. Ik sprak gedachten in, luisterde ze terug af en probeerde te begrijpen wat er onder de oppervlakte zat. Dat is ontzettend confronterend. Je hoort jezelf herhalen, jezelf vastlopen, jezelf dingen wijsmaken. Maar af en toe raak je ook de kern. Dan hoor je ineens waar het echt over gaat.

Tijdens die zoektocht ontstond ook het idee van de ‘spijtvertering’. Ik merkte hoeveel uitdrukkingen over emoties eigenlijk verwijzen naar ons lichaam. Iets ligt op je maag. Iets ligt op je lever. Je hebt iets te verteren. Toen dacht ik: misschien moeten we spijt ook letterlijk leren verteren. In die oefening ga je op zoek naar wat voedzaam is in je spijt. Welke les zit erin? Wat wil je bewaren? En wat mag je loslaten? Zoals je lichaam voedsel verwerkt, kan je ook een moeilijke ervaring verwerken.

Werkt het vertellen van spijt bevrijdend?

Ja, absoluut. Alleen al omdat mensen zo weinig gelegenheid krijgen om erover te praten. Niemand vraagt op café waar je spijt van hebt. Het zit meestal verborgen. Vaak zie ik dat er opluchting ontstaat zodra mensen hun verhaal kunnen vertellen. Ze ontdekken dat ze niet alleen zijn. Dat hun gevoelens menselijk zijn. Dat anderen met gelijkaardige mechanismen worstelen. Ook luisteraars reageren vaak zo. Ze herkennen zich niet noodzakelijk in het concrete verhaal, maar wel in wat eronder zit. Dat gevoel van iets te hebben gemist, iets niet te hebben uitgesproken of jezelf ergens tekort te hebben gedaan. Daar herkennen veel mensen zich in.

Welke verhalen zijn je het meest bijgebleven?

Dat zijn meestal de gesprekken waarin ik vergeet dat ik een podcast aan het opnemen ben. Dan ben ik gewoon een mens die luistert naar een andere mens. Ik denk bijvoorbeeld aan Kim uit een van de recente seizoenen. Zij had jarenlang voor haar zieke man gezorgd. Op een bepaald moment stuurde hij haar een bericht vanuit een andere kamer met de vraag wanneer ze nog eens zouden vrijen. Ze is daar niet op ingegaan. Een maand later was hij overleden.  Dat lijkt een klein moment, maar net daarom is het zo herkenbaar. Veel grote levensvragen zitten verborgen in heel gewone situaties. Haar spijt was zo oprecht en zo menselijk dat het mij vandaag nog raakt. Tijdens dat gesprek stonden de tranen letterlijk in mijn ogen.

Wat heb je zelf geleerd uit al die gesprekken?

Johan Terryn: “Voor mij is spijt het gevoel dat je hebt wanneer je door eigen toedoen tegen je eigen normen en waarden bent ingegaan en jezelf daardoor iets tekort hebt gedaan.”

Dat we veel te gemakkelijk tegen mensen zeggen dat ze iets moeten loslaten of een plaats moeten geven. Ik had daar altijd een hekel aan. Niet omdat het niet klopt, maar omdat niemand uitlegt hoe je dat eigenlijk doet.

Een van de mooiste inzichten kwam van een vrouw die vertelde hoe ze de spijt over haar vader letterlijk een plek gaf in haar lichaam. Ze voelde dat in haar schouders. Wanneer die pijn opdook, liep ze er niet voor weg. Ze gaf er aandacht aan. Dat vond ik prachtig. Want als je een gevoel ruimte geeft, hoeft het niet langer jouw aandacht op te eisen. Dan wordt het rustiger. Dan kan het uiteindelijk integreren. Dat heb ik van veel mensen geleerd: niet wegduwen, maar aandacht geven.

Je bent de voorbije jaren bezig geweest met afscheid, spijt en aanwezigheid. Zit daar een verband tussen?

Voor mij vormen die drie projecten eigenlijk een drieluik. Eerst was er Het Uur Blauw, over afscheid nemen. Daarna kwam spijt, wat ook over het verleden gaat. En nu is er Aanwezig, een project over vaderschap en over de vraag hoe aanwezig we werkelijk zijn in elkaars leven.  Die thema’s zijn ontstaan in verschillende fases van mijn leven, maar ze horen wel samen. Ze gaan allemaal over verbinding. Over wat voorbij is, over wat nog mogelijk is en over wat er nu gebeurt.

Vanwaar kwam het idee voor Aanwezig?

Dat ontstond toen ik mijn zoon naar Praag bracht voor zijn Erasmusjaar. We zaten urenlang samen in de auto en ik was heel bewust bezig met vader zijn. Mijn eigen vader was een stille man. We hadden nooit echt diepe gesprekken. Ik wilde het anders doen.

Tijdens die reis genoten we van elkaars gezelschap en toch stelde mijn zoon op een bepaald moment een vraag die bleef hangen. Op de terugweg begon ik me af te vragen hoe aanwezig ik de voorbije tweeëntwintig jaar eigenlijk echt geweest was.  Niet vanuit schuldgevoel, maar vanuit nieuwsgierigheid. Ik besefte dat ik fysiek vaak aanwezig was, maar in mijn hoofd ook vaak bezig was met projecten, ideeën en verhalen. Dat inzicht werd het vertrekpunt voor het hele project.

Heeft de dementie van je moeder je kijk op aanwezigheid veranderd?

Ja, enorm. Mijn moeder leeft ondertussen al ongeveer tien jaar met dementie. Toen mijn vader stierf, had ik spijt omdat ik nooit echt diepgaande gesprekken met hem had gevoerd. Daarom ben ik gesprekken met mijn moeder beginnen opnemen. Ik wilde haar nog leren kennen zolang dat kon.

Maar uiteindelijk heeft zij mij iets anders geleerd. Door haar ziekte leeft ze heel sterk in het moment. Als ik bij haar zit en mijn verwachtingen loslaat, blijft er iets heel eenvoudigs over. Gewoon samen op een bankje zitten. Naar buiten kijken. Praten over wat we zien.  Dan besef je dat aanwezigheid niet altijd zit in grote gesprekken of belangrijke inzichten. Soms zit die gewoon in samen zijn. Dat heeft mijn moeder mij geleerd.

Wat hoop je dat mensen meenemen uit je lezing over spijt?

Dat ze spijt niet langer zien als een vijand. Je moet er niet voor weglopen, maar je mag er ook niet in verdrinken. Geef het de aandacht die het nodig heeft. Haal eruit wat waardevol is en laat de rest los.

Ik denk dat mensen buitenkomen met het inzicht dat achter bijna elke spijt eigenlijk een verlangen schuilt. Een verlangen naar liefde, verbondenheid, moed of authenticiteit. Daarom zeg ik vaak dat spijt een verborgen verlangen is. En als je bereid bent daarnaar te luisteren, kan spijt je leven uiteindelijk zelfs verrijken.

Op donderdag 22 oktober spreekt Johan Terryn over ‘De kracht van spijt als kompas voor de toekomst’ in de stadsbibliotheek Permeke. Klik hier voor meer informatie.

 

Op zaterdag 24 oktober komt Terryn ook naar het Vurig Verbonden Lichtfestival. Hij zal er live zijn podcast Aanwezig opnemen met Wim Distelmans, Tinneke Beeckman, Christophe Busch en Hind Eljadid. Klik hier voor meer informatie over het volledige programma.