Ongefilterd moederschap

“Je moet niet te veel geven om wat anderen van je denken”

Bert Goossens en Dimitri De Smet

6 mei 2026

Lorentia Veppi (33) is moeder, influencer en leerkracht niet-confessionele zedenleer. Alles wat ze doet zit vol energie, empathie en humor. Met haar tweede boek rond ‘ongefilterd moederschap’ geeft ze opnieuw een inkijk in hoe het écht is om moeder te zijn. Veppi is dan ook een ideale vrijzinnige gesprekspartner in de week van Moederdag: “Ik dacht die eerste week van mijn moederschap: wat heb ik gedaan?”

Lorentia Veppi geeft al tien jaar niet-confessionele zedenleer. Vandaag neemt ze even een korte pauze van haar lesopdracht om zich te focussen op haar andere voltijdse engagementen: moeder en influencer. Op haar Instagram-account met meer dan 220.000 volgers prikt ze moeiteloos de perfecte ouderfilter door. Ze heeft net haar tweede boek uit rond ‘ongefilterd moederschap’, met deze keer peuterchaos en knuffels als rode draad. “Het boek is bedoeld als hart onder de riem. Niet alleen voor mama’s, maar ook papa’s of mensen die nog twijfelen: wil ik wel kinderen? Gewoon om met een hoek af naar het ouderschap en de realiteit te kijken. We maken als ouder vaak dezelfde dingen mee. Maar toen ik mama werd in 2021 was alles op sociale media zo ‘zeemzoet en prachtig mooi’. Die ervaring had ik totaal niet. Die eerste week dacht ik echt: wat heb ik gedaan? Wenen, janken… Ik zag mijn baby eerder als: ik moet die in leven houden, niet meteen als ‘my sweet little baby’. Dat groeide gelukkig snel, en mijn kind is natuurlijk het beste wat er is. Maar toen voelde ik me wel alleen, zeker als je online alleen de happy kant ziet. Daarom wilde ik mijn eerlijkheid delen. Zo is dat gegroeid, met sketches ‘met een hoek af’ die heel herkenbaar bleken. Mijn boek is geen handleiding, want daar geloof ik niet in: elk kind en elke ouder is anders. Ik vertel gewoon mijn eigen verhaal. Het is vooral erkenning, een hart onder de riem en wat luchtigheid in het ouderschap.”

Deze ochtend was ik nog ruzie aan het maken met mijn 4-jarige omdat ze de kleren die klaarlagen niet wou aandoen. Delen we zulke verhalen nog te weinig?

Ik voel jouw pijn. Kledij en eten: it’s still a hell. Avondeten heb ik al losgelaten: mijn dochter heeft drie gerechten die ze eet en dat geef ik gewoon, voor mijn eigen gemoedsrust.
Mensen hebben altijd een oordeel klaar. Ik ook, ik ga niet doen alsof ik heilig ben. Maar je krijgt al gauw opmerkingen zoals: ‘Hoezo heeft die kleine geen sokken aan?’ Dan denk ik: dacht je dat hij ging sterven zonder sokken? Mensen bedoelen het goed, maar er is een verschil tussen tips en dat belerende vingertje. En die oordelen zijn soms zo hard dat je niet durft toe te geven: het lukt me niet. Online is dat nog erger: toetsenbordridders die alles nog pittiger of vuiler zeggen. En als mens zijn we daar gevoelig voor. Wat ik geleerd heb, in het ouderschap en in het leven: je moet eigenlijk niet te veel geven om wat anderen denken. Een kind dat geen groenten eet of een woedeaanval krijgt: iedereen maakt dat mee.

Lorentia Veppi: “Mensen bedoelen het goed, maar er is een verschil tussen tips en dat belerende vingertje.”

Je stelt je ook wel kwetsbaar op in je video’s. Is dat iets dat je hebt moeten leren?

Ik heb eigenlijk nooit veel schaamte gehad. Als kind was ik al de clown van de klas, altijd de lollige. Ik wil gewoon mensen laten lachen. Nu merk ik dat nog: in een groep of op een feestje wil ik dat mensen zich goed voelen bij mij. Dat is belangrijk voor mij, ook omdat ik zelf graag op mijn gemak ben bij anderen. Ik lees ook heel fel de sfeer in een kamer, dus ik ben daar gevoelig aan. Online zie je dat ook: in mijn sketches zie ik er niet altijd uit. Pyjama, flyaway hair… gewoon om te tonen: we zijn allemaal mensen. Je ziet er niet altijd geweldig uit en je voelt je ook niet altijd zo. Dat is misschien verfrissend in een online wereld waar alles vaak zo afgelikt is. Ik volg dat zelf ook niet graag, ik heb liever een reality vibe.

 

Was het vroeger eenvoudiger om ouder te zijn dan vandaag?

Ik vind het een beetje dubbel. Als ik naar mijn mama kijk: zij was heel gevoelig voor meningen van anderen, alles moest perfect zijn. Tegelijk was het ook gewoon: je bent vier, luisteren, en klaar. Een pantoffel tegen je hoofd en gedaan. Zo ben ik opgevoed. En ik ben oké, by the way.

Vandaag weten we veel meer over de ontwikkeling van een kind. Als een kind een driftbui heeft, kunnen we dat plaatsen. We hebben veel meer bronnen: je kunt iemand sturen, bellen, dokter Google raadplegen … Dat lost het niet meteen op, maar je begrijpt het wel beter. In die zin is het misschien makkelijker geworden.

Maar tegelijk is het moeilijker door de maatschappelijke druk, zeker op vrouwen. Alles moet gecombineerd worden. Mijn mama was huismoeder, die had overdag meer ruimte. Nu verwacht men na de bevalling: ga maar zo snel als mogelijk terug werken. Dat vond ik zelf heel moeilijk.

Wat uit je eigen opvoeding pas je ook toe?

Zelfstandigheid. Ik kan me niet herinneren dat mijn mama ooit met mij speelde. Ik was de jongste van drie: de derde volgt gewoon. Ik was zeven, smeerde mijn eigen boterhammen, maakte mijn boekentas en ging zelf naar school. Mijn mama sliep soms nog, ik durfde haar zelfs niet wakker maken. We zijn best hard en pittig opgevoed, maar daardoor ben ik wel heel zelfstandig geworden.

Dat wou ik ook meenemen naar mijn eigen dochter: dat ze zichzelf kan bezighouden, dat ze niet constant geprikkeld moet worden. Ik wou geen kind dat de hele tijd aan mij hangt. En dat is goed gelukt: ze speelt mooi alleen. Terwijl ik vaak hoor dat kinderen vandaag constant beziggehouden moeten worden, vol hobby’s en geplande weekends. Ik heb net het omgekeerde: weekend is om te rusten, op het gemak thuis zijn.

Ik probeer haar ook kleine dingen zelf te laten doen: ‘doe je pyjama maar aan’. Hoe dat dan gebeurt, maakt niet uit, small steps. Maar zo leert ze wel verantwoordelijkheid. Dat ze later haar plan kan trekken, dat vind ik belangrijk.

En ook: opkomen voor jezelf. Ik wil haar niet bepamperen, want de wereld is soms cruel. Ze krijgt alle liefde, maar ze moet ook luisteren en ze zal niet altijd haar zin krijgen. En soms zeg ik ook gewoon: nee, mama is moe, ik doe het nu niet. Dat ze ook leert: niet alles draait rond haar. Dat zijn kleine dingen, maar wel dingen waar ik bewust op let in mijn opvoeding.

Lorentia Veppi: “Ik zou bijna zeggen: elke leerling zou zedenleer moeten krijgen”

Wat veel mensen niet weten: je geeft al jarenlang niet-confessionele zedenleer.

Ja, zedenleer is echt het schoonste vak dat er is. Ik vertrek heel sterk vanuit mijn leerlingen en we hebben een vrij leerplan, waar ik heel dankbaar voor ben. Ik merk op: mensen die denken ‘ah zedenleer, ik ga hier gewoon een verhaaltje vertellen’, die lopen tegen de lamp. En dat is maar goed ook, want ons vak mag echt serieuzer genomen worden. Ik vind het immens belangrijk vandaag, omdat we inspelen op actualiteit en op wat er leeft bij leerlingen. Ze vertellen hun verhaal bij ons. Die band met leerlingen is sterk, ook omdat ik zelf niet de stereotype leerkracht ben: open, vrij, alle meningen tellen. Als leerkracht geef je ook iets mee over het leven, waarden en normen. Een stuk opvoeding gebeurt echt in onze lessen.

Heb je zelf zedenleer gevolgd?

Nee, ik ben gedoopt en vrij christelijk opgevoed, maar ik had al jong zoiets van: klopt dit wel? Ik herinner me dat mijn zus uit de kinderbijbel las en dat ik dacht: huh? Dat kan toch niet? Toen ik op de hogeschool hoorde wat zedenleer inhield, dacht ik: dit is gewoon wie ik ben. Die opleiding heeft echt mijn blik verruimd. Ik vond dat super interessant. Het was niet altijd makkelijk, zeker niet om gevoelige thema’s over te brengen aan jongeren. Maar al doende leert men. In de praktijk wist ik na een jaar al: ik wil dit fulltime doen. Ik had het geluk dat die kans er was, en ondertussen sta ik al tien jaar voor de klas en doe ik het nog altijd heel graag.

De regering wil besparen op levensbeschouwelijk onderwijs. Hoe kijk je daarnaar?

Ik zou bijna zeggen: elke leerling zou zedenleer moeten krijgen. Soms vind ik het jammer dat ik kleine klasjes heb, ik zou liefst alle leerlingen willen bereiken. Omdat zedenleer echt blikken verruimt en verbinding creëert. Zeker vandaag, met alles wat er speelt in de samenleving, raakt ons vak thema’s aan die niet in andere vakken aan bod komen. Dus ja: ik wil gewoon dat ze van ons vak afblijven.

Wat brengt de toekomst?

Ik had nooit verwacht dat ik ooit een boek zou schrijven, en nu heb ik mijn tweede uit. Ik leef eigenlijk heel fel van dag tot dag, zeker sinds ik mama ben. Dat klinkt cliché, maar voor mij voelt het echt alsof ik zo de zin van het leven heb ontdekt. Vroeger was het werken, werken, werken. Maar op je werk ben je vervangbaar. Als ik daar wegval, staat er morgen iemand anders. Maar thuis is dat anders. Daar weet ik: mijn kind en mijn partner gaan mij missen. Dus ik heb geleerd om te focussen op de kleine dingen: straks mijn dochter ophalen en haar blij gezicht zien omdat we naar de kermis gaan … Daar word ik zelf ook gelukkig van. Ik denk dat ik nog nooit zo gelukkig ben geweest als sinds ik mama ben.

‘Ongefilterd moederschap: peuterchaos en knuffels’ van Lorentia Veppi verscheen op 20 april 2026 bij Lannoo