Nooit meer oorlog herdenken

Versteende getuigenissen uit WO I

Artikel verschenen in deMens.nu Magazine jg7 nr4

Gewapend met een analoog fototoestel schuimt Patrick Goossens de voormalige slagvelden van de Eerste Wereldoorlog in België, Frankrijk, Italië en Turkije af. Het resultaat van zijn jarenlange zoektocht naar vergeten historische plaatsen en authentieke monumenten is te bezichtigen op de tentoonstelling Nooit meer oorlog herdenken. In die expositie laat hij ons even kritisch stilstaan bij de herdenking van de Eerste Wereldoorlog. Wij spraken met de fotograaf.

Bert Goossens

Waar komt je belangstelling voor de Eerste Wereldoorlog vandaan?

© Lieve Meiresonne  Patrick Goossens: “Het is in elk geval belangrijk om te beseffen welke invloed de Eerste Wereldoorlog nog steeds op onze maatschappij heeft.”

Patrick Goossens: Ik herinner mij nog de zwart-witbeelden van de bekende BBC-serie over de Eerste Wereldoorlog die ik als kind in de jaren zestig op tv zag. Vooral de authentieke filmfragmenten maakten een geweldige indruk op mij.

Tijdens een uitstapje naar de Westhoek dertig jaar geleden bezocht ik, eerder toevallig, een Britse militaire begraafplaats. De rijen witte zerken sloegen me met verstomming. Wat is hier gebeurd en hoe kan het dat er zoveel doden vielen? Dat zijn vragen die ik zoveel jaar later nog altijd maar ten dele kan beantwoorden.

 

De herdenking van de Eerste Wereldoorlog heeft de voorbije vier jaar heel wat media-aandacht gekregen. Waarom spreekt de Grote Oorlog tot op vandaag tot de verbeelding?

Goossens: Het was een oorlog die overduidelijk zijn sporen heeft nagelaten, zowel zichtbaar – denk maar aan de begraafplaatsen – als in de beeldvorming – sommigen spreken zelfs van mythevorming – errond.

Bovendien was het de eerste oorlog die fotografisch op grote schaal is gedocumenteerd. Komt daarbij dat het een oorlog is die dicht bij huis werd uitgevochten. In elke familie is er wel een grootouder die is gevlucht, opgeëist, gewond geraakt of gesneuveld, aan het front of in bezet gebied.

De tragiek, dood en vernieling, en de mogelijke vergelijkingen met actuele oorlogen (Syrië, de vluchtelingen, de terreur …), omkaderd door een toeristische campagne: dit alles zorgt ervoor dat het gesneden koek is voor de media.

De honderdjarige herdenking is echter vooral een gebeuren in het Westen. In het Midden-Oosten leeft dit veel minder, alhoewel de impact van deze oorlog daar minstens even ingrijpend is geweest.

 

Denk je dat de herinnering aan de Grote Oorlog gaat vervagen?

Goossens: Voor de meesten onder ons natuurlijk wel, vooral wanneer de media-aandacht naar een volgend onderwerp zal verschuiven. Wel is het zo dat de laatste jaren een enorme hoeveelheid documentatie en wetenschappelijk onderzoek onze kennis van de periode rond de Eerste Wereldoorlog op alle vlakken heeft doen toenemen. Archiefmateriaal is vandaag veel toegankelijker. Aan geïnteresseerden biedt dit de mogelijkheid om zich ook de komende jaren nog verder te verdiepen.

 

© Lieve Meiresonne  Patrick Goossens: “Bij de herdenking van de Eerste Wereldoorlog is grotendeels voorbijgegaan aan de vraag hoe we gewapende conflicten in de toekomst kunnen voorkomen.”

Is het belangrijk om de Eerste Wereldoorlog te herdenken?

Goossens: Het is in elk geval belangrijk om te beseffen welke invloed de Eerste Wereldoorlog nog steeds op onze maatschappij heeft. De oorlog in de Balkan van de jaren negentig, de spanningen tussen de landen in het Midden-Oosten, het ontstaan van de staat Israël … die gebeurtenissen hebben allemaal hun roots in de periode van de Eerste Wereldoorlog. Een beter begrip van wat aan de basis van de conflicten ligt, kan misschien helpen om sneller een oplossing te vinden.

 

Zijn er sporen van vrijzinnig humanisme te vinden in de Eerste Wereldoorlog?

Goossens: Zichtbare sporen van vrijzinnig humanisme zijn zeldzaam. In veel gevallen gaat het eerder om de afwezigheid van religieuze symboliek. Zerken zonder de afbeelding van een kruis kunnen een aanduiding zijn van vrijzinnigheid, hoewel dat geen zekerheid biedt. Opvallend is dat vele authentieke grafmonumenten, opgericht tijdens de oorlog, niet altijd een religieus symbool vertonen.

Dagboeken geven soms een betere inkijk. Zo is er het relaas van Kenneth Best die als vrijwilliger in het Britse leger dienst nam en als aalmoezenier de gevechten in Gallipoli meemaakte. Naarmate hij geconfronteerd wordt met de barbaarsheid van het slagveld, groeit het besef van de zinloosheid van de opeenvolgende aanvallen. Zijn kritiek op de legerleiding neemt toe. Na de oorlog verkiest hij een loopbaan als wiskundeleraar in plaats van een aanstelling tot dorpspastoor. Op latere leeftijd laat hij zijn geloof vallen en evolueert hij tot agnost.

 

Is fotografie een belangrijk medium om oorlog te herdenken?

Goossens: De Eerste Wereldoorlog was de eerste oorlog waarbij letterlijk iedereen de mogelijkheid had om te fotograferen. Kodak maakte publiciteit voor zijn ‘vestzakcamera’, die zo geprijsd was dat zelfs gewone soldaten het toestel konden aanschaffen. Kranten boden enorme bedragen voor actiefoto’s van het front, terwijl de legerleiding het bezit van een fototoestel eigenlijk verbood.

Dat tijdsgebonden fotomateriaal geeft ons de mogelijkheid om de gruwel echt te visualiseren.

Gedurende de vele jaren dat ik op zoek ging naar wat nog overblijft, is duidelijk geworden dat de sporen, zowel in het landschap als wat de restanten betreft, snel teloorgaan of dikwijls moedwillig worden vernield. In het beste geval worden authentieke relicten sterk gerestaureerd, waardoor ze weliswaar ‘gered’ worden, maar toch hun authenticiteit deels moeten prijsgeven. Fotografie biedt de mogelijkheid die teloorgang vast te leggen en ten minste het beeld dat verdwijnt te bewaren.

 

Geloof je in een wereld zonder oorlog?

Goossens: Conflicten tussen mensen en, in het verlengde daarvan, tussen groepen mensen, zullen er wellicht altijd zijn. De vraag is dus niet of er conflicten zullen zijn, maar op welke manier geschillen tussen volkeren of staten kunnen worden beslecht zonder dat ze tot geweld leiden. De toegenomen mondialisering biedt mogelijkheden om andere culturen beter te begrijpen, maar vergemakkelijkt ook de verspreiding van radicale ideeën.

Bij de herdenking van de Eerste Wereldoorlog is grotendeels voorbijgegaan aan de vraag hoe we gewapende conflicten in de toekomst kunnen voorkomen. Moet het Westen meer of integendeel minder bewapenen? Vragen wat te doen bij genocide, een gasaanval, of een systematische beschieting van ziekenhuizen, zijn tijdens de vier jaar herdenking die achter ons ligt, weinig of niet aan bod gekomen. In dat opzicht heeft het een permanente vrede niet echt dichterbij gebracht, vrees ik.

Meer weten?
• De tentoonstelling Nooit meer oorlog herdenken, gecureerd door deMens.nu onder het motto “rede is vrede”, trekt vanaf september 2018 tot eind 2019 door Vlaanderen en Brussel. Je kan de tentoonstelling als organisatie, ontmoetingscentrum, school, bibliotheek … ook huren.
• Het volledige programma en meer informatie vind je hier.