Leven is ook sterven

Column verschenen in deMens.nu Magazine jg7 nr4

Tinneke Beeckman

Het recht op leven omvat ook een recht op sterven. Die twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Helaas benadrukken heel wat mensen het eerste recht, terwijl ze het individuele recht om te sterven blijven bestrijden. Alsof de eigen dood kiezen, hoogmoedig zou zijn. Of soms wordt de keuze tot sterven verdacht gemaakt, omdat ze zou gebeuren onder druk van de omgeving. Dit argument tegen euthanasie verschijnt geregeld. Het omgekeerde probleem is echter reëler: we beleven een druk om te blijven leven, ongeacht de omstandigheden. Alsof elke invulling van de extra tijd die de geneeskunde kan bieden, zinvol is. Dat klopt niet: ‘extra tijd’ betekent voor heel wat zieken dat ze langere tijd stervende zijn. En dat terwijl de dood op zich vaak onbespreekbaar blijft. Juist dit stilzwijgen veroorzaakt onnodig leed. Niet alleen bij zieken en stervenden, maar ook bij hun nabestaanden. Als het recht op leven verandert, dan moet het recht op sterven dus mee evolueren.

Verlichtingsdenkers formuleerden een recht op leven als een fundamenteel, onvervreemdbaar recht aan het einde van de achttiende eeuw. Zo omschreef Thomas Jefferson de inspiratie voor de nieuwe (Amerikaanse) samenleving als het recht op “leven, vrijheid en het nastreven van geluk”. Keuzevrijheid en levenskwaliteit werden moderne basisbegrippen. Dankzij deze visie verbeterde de levensduur spectaculair; een waardige samenleving biedt goede sociale voorzieningen en bevordert wetenschappelijk onderzoek.

Maar dat recht op leven vraagt een duidelijk recht op sterven. De ideologische verknochtheid aan het leven verdrijft de dood namelijk als een natuurlijk fenomeen. Langzaamaan wordt de dood een te bestrijden vijand die best te controleren valt. In zijn bestseller Homo Deus voorspelt Yuval Noah Harari zelfs dat de mensheid de dood in de nabije toekomst helemaal zal overwinnen, zodra wetenschappelijke ontwikkelingen een eeuwige jeugd mogelijk maken. Volgens Harari zal dit tot een intense commerciële en politieke strijd leiden.

Maar eigenlijk leven we nu al in een cultuur die de dood ontkent. We brengen het leven door zonder diepgaand bij de eigen sterfelijkheid stil te staan. Alsof de dood alleen de anderen treft. Voor de zieken moffelen we de dood al te vaak weg. Zelfs op begrafenissen wordt de dood als thema zelden besproken. Alsof sterven een soort falen is, waaraan we snel voorbij willen.

Maar heeft het eeuwige leven wel waarde, wanneer we de vergankelijkheid niet meer bewust ervaren? Misschien is het wijzer om de dood te aanvaarden. Misschien geeft het levenseinde zin aan de ervaringen die eraan voorafgaan. Die inspiratie is terug te vinden in de Odyssee van Homeros. Tijdens zijn lange omzwervingen belandde Odysseus een tijdje op het eiland van de wonderlijk mooie nimf Kalypso. Zij beloofde hem eeuwige jeugd en schoonheid, indien hij altijd bij haar zou blijven. Maar elke avond keek Odysseus nostalgisch in de richting van zijn thuis, het eiland Ithaka waar zijn geliefde Penelope op hem wachtte. Want wat is een eeuwig leven waard zonder bij je geliefde te kunnen sterven? Odysseus aarzelde niet, en vertrok.

Foto © Johan Jacobs

Tinneke Beeckman is filosofe en schrijfster.