fbpx
deMens.nu

Opinie: Van een roze wolk naar een betere wereld

Vooruitgangsoptimisten zijn door de coronacrisis van hun roze wolk gedonderd. Covid-19 maakte wereldwijd al honderdduizenden dodelijke slachtoffers. We zullen daarbovenop nog jarenlang de economische, en bijgevolg sociale, gevolgen voelen. De Verenigde Naties waarschuwen dat corona ‘hongersnoden van bijbelse proporties’ kan veroorzaken. Is de wereld morgen een betere plek? Een crisis biedt evenwel een momentum om dingen anders aan te pakken. Hoog tijd dus om onszelf te bevragen: welke wereld willen we na de epidemie en hoe kunnen we daar als vrijzinnig humanisten aan bijdragen? Rik Pinxten, emeritus gewoon hoogleraar in de antropologie en de studie van religies, geeft ons stof tot nadenken.

Bert Goossens

Covid-19 is niet uit de lucht komen vallen. Het ontstaan van het virus is een gevolg van een verstoorde relatie met de natuur. We dringen steeds verder in de leefwereld van dieren, wat de kans op besmettingen van dier naar mens vergroot. In een geglobaliseerde wereld kan een dergelijk virus zich razendsnel en op wereldschaal verspreiden.

Volgens Rik Pinxten illustreert de coronacrisis iets wat hij in zijn recente boeken exploreerde: interdependentie – het aangewezen zijn van mensen op elkaar én op de natuur – is meer dan ooit een feit. “Interdependentie uit zich in ontsporingen zoals de pandemieën, maar (veel ingrijpender) de klimaatopwarming, de ecologische reductie van soorten, de structurele ongelijkheid …”

Terwijl de sluipende klimaatverandering met behulp van fake news nog kan worden weggehoond door Trump en co, kan niemand de impact van corona uit de weg gaan (vraag maar aan Boris Johnson). Het gevaar dreigt echter dat de populisten, die vandaag in grote delen van de wereld de plak zwaaien, de economie laten primeren op onze volksgezondheid.

© Shutterstock

Pinxten: “De strijd tussen ‘mijn (voor)recht en de kansen van alle mensen/natuur’ wordt bijzonder zichtbaar bij een dergelijke pandemie. De ‘oude politieke keuze’ van nationalisme/regionalisme wordt hier dan als vanzelf verder versterkt door de ideologie waarop het late kapitalisme teert: men gaat zelfs expliciet economische winst boven gezondheid en zelfs recht op leven stellen. Met een oude slogan: het hebben prevaleert op het zijn, en dat zou ‘realistisch’ zijn. De sociaaldemocratie zit daarbij nog steeds vast in een halfslachtige droom om te participeren aan de vruchten van het kapitalisme, en denkt dus de mondiale nefaste gevolgen niet door.”

Volgens Pinxten is het nu het moment om het roer om te gooien en dat heeft voor hem vergaande politieke gevolgen:

“Wat ik voorstel is dat we om te beginnen de feitelijke interdependentie (met bedreigende impact van klimaatverandering tot pandemie) erkennen en ook in het politieke debat betrekken als referentiekader. Elke politieke keuze van vandaag en morgen zal dus in dat bredere kader gevoerd moeten worden, en dat vergt het verlaten van het nationalisme en identitair denken (raciaal, religieus, cultureel). Ik stel dat elke politieke discussie die de feitelijke interdependentie niet als referentiekader neemt leugenachtig genoemd wordt. Wanneer die ‘exclusieve’ politieke keuzes zich toch in daden kunnen omzetten, omwille van de oppermacht van de actoren, dan heeft men te maken met misdadige acties. Het is werk voor juristen om de mensenrechten misschien in die zin explicieter te maken.”

In het verlengde van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens biedt ook de capabalities approach van de Indiase econoom en filosoof Amartya Sen een waardevol handvat.

Pinxten: “Sen reikt een concreet, aftoetsbaar kader aan waarbij productie en consumptie, samen met scholingsgraad, gelijkheid van man en vrouw, kwaliteit van de gezondheidszorg voor iedereen, wegwerken van (kinder)armoede, gelijke levenskansen voor iedereen, enzovoort in één synthetisch kader van politieke economie is samengezet. Sen ontwikkelde dat als alternatief voor de ‘economistische’ maatstaf van het Bruto Nationaal Product (BNP). In dat laatste geval verschijnen Saudi-Arabië en de Verenigde Staten als meest welvarende landen, volgens het bredere kader helemaal niet. Sens kader is mondiaal toepasbaar; het BNP-systeem is het opleggen van een lokaal (westers) kader aan de rest van de wereld.”

© Shutterstock

Naast meer slagkracht voor de Verenigde Naties pleit Pinxten ook voor een Green New Deal waarbij we afstappen van fossiele brandstoffen en inzetten op investeringen in openbaar vervoer. Daarnaast is het belangrijk dat interdependentie een centraal begrip wordt in het onderwijs, dat volgens Pinxten nog steeds te eng gericht is op de eigen cultuur en geschiedenis. We moeten voluit durven kiezen voor solidariteit op wereldschaal:

“De keuze voor solidariteit in die nieuwe en voor het eerst echt mondiale context is de uitdaging. Natuurlijk is dat ‘abstract’: je kan de medemens in Patagonië niet ontmoeten, en de eigen maatschappij is zelfs zo ingericht dat je de vluchteling uit Syrië die nu om de hoek woont niet ontmoet. Toch moet, vanuit het besef van die mondiale onderlinge afhankelijkheid, solidariteit naar die macroschaal worden doorgedacht.”

Het is daar dat vrijzinnig humanisten hun steentje kunnen bijdragen. Er zijn al mooie rituelen van solidariteit geweest tijdens de lockdownperiode: het applaudisseren voor de zorgverleners, het uithangen van een wit laken, het wekelijks schrijven van een zorgbrief …

Ook de vrijzinnig humanistische gemeenschap heeft op creatieve wijze zingeving aangereikt: van een digitaal platform voor morele ondersteuning (Woorden van troost) tot een virtueel ritueel dat aanzet tot reflectie en solidariteit (Feest in je kot). Rituelen kunnen ook helpen bij de exit uit de lockdown. In Nederland bijvoorbeeld reiken Arkade en het Humanistisch Verbond een stappenplan aan om tot een eigen openingsritueel te komen bij de terugkeer van de leerlingen naar de scholen.

Pinxten wijst erop dat we dergelijke initiatieven in het perspectief van interdependentie moeten plaatsen, en dat vergt – volgens hem – een andere mindset:

“We moeten bewust met die interdependentie omgaan, ook voor humanisten moet dat de hoofdwaarde worden. Dat impliceert nogal wat: de reductie van rede tot instrumentele rationaliteit van de industriële tijd moet terug naar een brede medemenselijke en zelfs mens-aarde rationaliteit.

Daartoe rituelen ontwerpen is een goede zaak. Die omslag impliceert ook meteen iedereen in het project meenemen, en dat wil zeggen (onder andere) het dekoloniseren van ons verstand. Ook de vrijzinnigen hebben hier nog werk voor de boeg.”

We zullen nog even ‘afstandelijkheid’ een plaats moeten geven in ons leven én onze dienstverlening. Intermenselijk contact is echter een belangrijk onderdeel van veel rituelen en zingeving, en het gemis hieraan valt zowel psychologisch als sociaal niet te onderschatten. Als vrijzinnig humanisten zullen we creatief aan de slag moeten gaan om dat gemis op te vangen en te bouwen aan een betere wereld.

Lees meer

Rik Pinxten – Kuifje wordt volwassen: Over de dekolonisering van de geest, EPO, 2019
Rik Pinxten – Interdependentie: naar een wereldregering en sterke lokale besturen (nog te verschijnen in SamPol)
Paolo Giordano – In tijden van besmetting, De Bezige Bij, 2020