Grote vragen over het leven

Ook bij wie niet gelooft in een god duiken grote levensvragen soms de kop op. Hoe geef ik mijn leven zin? Is er echt niks na de dood? Waarom overkomt mij dit nu net?

Vaak zijn levensvragen latent aanwezig, ze dringen zich op tijdens breukmomenten in je leven en vallen moeilijk te negeren. Het zijn belangrijke vragen waar het vrijzinnige humanisme geen pasklare antwoorden op kan en wil geven. Zingeving kent voor ons geen bovennatuurlijke oorsprong maar wordt door de mens zelf ingevuld. Wat zin geeft aan het leven van de één, geeft niet noodzakelijk zin aan het leven van de ander.

Zelfbeschikking

Ieder individu heeft zeggenschap heeft over zijn eigen lichaam en geest. Dit principe van zelfbeschikking maakt dat wij voor een aantal ethische thema’s van mening verschillen met andere levensbeschouwingen. Dit is het geval als vanuit een specifieke, vaak religieuze moraal de individuele vrijheid van het individu dreigt te worden ingeperkt.

Vooral in medisch-ethische kwesties en gezinsaangelegenheden botsen wij door het zelfbeschikkingsrecht regelmatig met opvattingen die nog ingegeven zijn door religieuze of andere morele voorschriften en onterecht de vrijheid van het individu beperken. Denk hierbij aan euthanasie, abortus, homohuwelijk, bewust ongehuwde moeders, rechten van transgenders, enz.

Zelfbeschikkingsrecht betekent niet dat iedereen zomaar mag doen en laten wat hij wilt. Als individu leven we nog steeds in een gemeenschap. We zijn verantwoordelijk voor onze daden en moeten proberen om zoveel mogelijk rekening te houden met de gevolgen van onze keuzes op anderen en onze leefomgeving.

Abortus

Vanuit het zelfbeschikkingsrecht beschikt de vrouw zelf over haar eigen lichaam. Ze beslist zelf over haar eventuele kinderwens. Abortus was in ons land verboden. Clandestiene abortussen veroorzaakten ernstige letsels bij de vrouwen en soms zelfs de dood. Samen met feministische en progressieve bewegingen hebben humanistische organisaties steeds geijverd om abortus uit de illegaliteit te halen.

Wetgeving

De wet van 3 april 1990 depenaliseerde abortus gedeeltelijk. Veilige abortus werd beschikbaar voor vrouwen in nood. Abortus bleef echter vermeld als een misdrijf in ons strafrecht, waardoor er een moreel oordeel geveld wordt en er een stigma kleeft aan vrijwillige zwangerschapsafbreking. Verdere actie dient gevoerd te worden om abortus uit het strafrecht te halen en de voorziene termijn in de wet uit te breiden, omdat vrouwen soms naar het buitenland dienen te gaan wegens de overschrijding van de Belgische termijn

 

Meer over abortus

Nieuws over abortus

Euthanasie

Mensen moeten goed geïnformeerd hun eigen keuzes kunnen maken, ook bij hun levenseinde. Jarenlang was het thema euthanasie onbespreekbaar in ons land. De vrijzinnig humanistische gemeenschap ijverde mee voor de legalisering van euthanasie. Euthanasie werd mogelijk door de wet van 28 mei 2002 die tot stand kwam na een grondig parlementair debat.

Euthanasie betreft het opzettelijk levensbeëindigend handelen door een arts op verzoek van de patiënt. Mits het respecteren van een aantal zorgvuldigheidscriteria kan een patiënt euthanasie krijgen. De patiënt kan in een voorafgaande wilsverklaring zijn wens voor euthanasie vastleggen, wanneer hij het zelf niet meer kan vragen. Deze wilsverklaring is van toepassing wanneer men zich in een onomkeerbare coma bevindt.

Een verdere verfijning van de euthanasiewet is nodig : doorverwijsplicht arts, problematiek verbod bepaalde instellingen, schrappen geldigheidsduur wilsverklaring euthanasie, uitbreiding toepassingsgebied wilsverklaring naar verworven wilsonbekwaamheid (tumor, hersenmetastasen, dementie,…).

Rechten van de patiënt

Voor patiënten is het belangrijk dat ze hun autonomie kunnen bewaren. De wet betreffende de rechten van de patiënt van 22 augustus 2002 garandeert dat de wensen van de patiënt gerespecteerd worden.

De wet voorziet de volgende rechten : kwaliteitsvolle dienstverstrekking, vrije keuze van de beroepsbeoefenaar, recht op informatie, aanduiding vertrouwenspersoon, weigering behandeling, zorgvuldig bijgehouden patiëntendossier en inzage, bescherming persoonlijke levenssfeer, ombudsfunctie bij klachten, recht op pijnbestrijding, recht op vertegenwoordiging.

Door middel van voorafgaande zorgplanning kan de patiënt in een negatieve wilsverklaring vastleggen welke behandelingen hij later niet meer wenst mocht hij het op dat moment zelf niet meer kunnen vragen omwille van coma, dementie, verwardheid, een hersentumor of ….

 

Abortus uit het strafrecht

Leerstoel Waardig Levenseinde